De favoriete songtekst van Sidney Vollmer

2” op 5,0 km/h. Links deinende borsten (6,0 op 3.5%. Geen cardio. Biltraining.) De rubberen mat rolt langzaam. In de spiegelende muur zie ik mijn hoofd zich kantelen. Bijna raakt mijn oor mijn schouder. Andere oor. Rituelen. Ik ontwar mijn koptelefoontje, bedien de branded software en selecteer de afstand die ik op deze plek zal afleggen. Ik twijfel tussen Paul Kalkbrenner, LCD Soundsystem en Daft Punk.

‘Beginning workout,’ zegt een jonge vrouw vrolijk. Zo snel mogelijk stel ik de loopband in op een hoger toerental zodat mijn eindtijd zo min mogelijk lijdt onder het op gang komen van de loopband.

Twee machines, één klein, één groot, bepalen het komende half uur wat ik doe en of ik het goed genoeg doe. Mijn tempo bevindt zich op een smalle strook tussen een minimaal welbevinden aan de ene, en mijn maximaal haalbare snelheid aan de andere kant. Op 2,5km ga ik naar 12km/h. De laatste kilometer zal ik rennen, op 13km/h. Wedden?

Als ik straks de grens begin te bereiken van wat ik met mijn lichaam kan is dit album van Daft Punk mijn doping. Nu, rond minuut zeven, geeft het me vooral het besef dat het nummer ‘Touch It/Technologic’ naadloos aansluit bij mijn huidige wereldbeeld.

Met de mogelijke uitzondering van Kraftwerk zijn Thomas Bangalter en Guy-Manuel de Homem-Christo, de mannen achter de robotmaskers van Daft Punk, de belangrijkste pioniers op het gebied van digitale muziek. Het Franse duo heeft vanaf de jaren negentig het eclectische, elektronische domein als geen ander toegankelijk weten te maken voor het grote publiek zónder inhoudelijk concessies te doen, met een enorme vernieuwingsdrang bovendien. Ondanks hun wereldfaam – inclusief campagnes voor Gap, Motorola, vele commerciële exploitaties en een soundtrack voor Disney’s Tron (2010) – zijn ze bovendien avantgardistisch gebleven: enkel verkleed als robots treden ze op. Daarover later meer. Hun website bevat op een logo na geen enkele informatie. Interviews geven ze nauwelijks.

In de jaren negentig – wat betreft informatietechnologie & digitale cultuur eonen geleden – maakten zij reeds muziek waarbij het samplen, emuleren en delen geen uitingen waren van creatieve armoede maar onder één centraal sturend principe waren te scharen, een principe dat voor mij het mooist tot uiting komt in de gebiedende tekst van ‘Touch It/ Technologic’. Digitale content, ook die van hen, is geen af product, het is het gereedschap en de ingrediënten. Het maakt niet uit wat, maar doe er iets mee.

Tijdens hun laatste tour in 2007 werd hun muziek prachtig verweven met andere kunstvormen tot iets groters: een digitale, contemporaine opera die zijn best doet de bezoekers zichzelf te laten verliezen. Twee robotachtige iconen, bovenop piramidevormige, pulserende podia. Een beschrijving van het overweldigende van de combinatie van licht en muziek is moeilijk te geven. Ik baal nog regelmatig dat ik toen geen kaartjes heb gekocht.

Volgens Daft Punk zijn hun optredens – ik parafraseer – gesamtkünstwerke, belevingen waarbij de muziek niet los gezien kan worden van het visuele én van het non-conformistische maar bijna religieuze samenzijn dat dancemuziek kan oproepen. Het gaat ze om de verbondenheid – niet alleen tussen mensen, maar ook tussen mens en techniek.

Decennia van nu zal Daft Punk daarom als één van de voornaamste muzikale uitingen van deze tijd genoemd worden. Het toegankelijk maken van elektronische muziek, het omarmen, faciliteren en becommentariëren van digitale cultuur, de gezochte verbondenheid tussen mens & technologie, de manifestatie van onze 21e eeuwse, nostalgische zoektocht naar een vorm van eigenheid temidden van de vele pastiches (de maskers!), de vele referenties en hertalingen van hun werk. Onderschat het belang van elektronische muziek niet. Vergelijk het met het extatische van The Beatles, The Stones in de jaren zestig: toen avantgardistisch. Nu is dat elektronische muziek.

Beluister, nee, belééf Around the World/ Harder’, ‘Better Faster Stronger’, ‘Too Long/ Steam Machine’. Op goeie speakers. ‘Touch it/ Technologic’, dompel je erin onder. Het is voor mij het mooiste voorbeeld van hun gedachtegoed. En van mijn wereldbeeld.

De band beweegt, de muziek in mijn oren. Het sluit me af van de wereld én doet me die wereld paradoxaal genoeg met scherpere blik en meer pathos beleven. Of is dat de endorfine? Het meisje naast me, haar deinende borsten. Mijn spiegelbeeld. Mijn schoenen. Haar paardenstaart. De muziek stuurt tot ik het gevoel heb dat ik niet hier ben, niet nu, maar ergens ren. Ik ben een soldaat op training, ik speel in een reclame, ik sta in de zwetende menigte, zij danst naast me, ik spetter in duizend flinters uit uiteen, de spiegel imiteert me, simulacra, we kussen, kan ik nóg sneller, ‘halfway point’, zegt ze opgewekt, half way point, het klinkt door Daft Punk heen. Ik veeg een paar druppels weg. De druppels zijn echt.
En die echtheid, dat is zo vreemd van deze column en eigenlijk van alles wat afgedrukt wordt op papier, die echtheid slinkt.
Het is afgedrukt, het bestaat, zeker, het is echt.

Maar tegelijkertijd zal het steeds minder echt worden. Want deze column zal overspoeld raken door de rest van de informatie die we gezamenlijk produceren. Hoeveel mensen kunnen dit nog eens teruglezen? Deze column is zelfs niet aangesloten op de rest van ons gemeenschappelijk culturele product, het netwerk van digitale informatie, ons digitale, altijd toegankelijke corpus. Als een boom valt en niemand hoort hem, et cetera… Mijn column heeft de strijd al verloren voordat ze gelezen is.

Ze is immers afgesloten.

Mijn hardloopsessie van nu is dat niet. Het Nike+ profiel dat ik gebruik zal mij overleven. Het zal ergens in een database blijven zweven zodat Nike haar producten decennia van nu verder kan aanscherpen. Dat is Cynisch. Eng.

Mede daarom is het de uitdaging voor makers-van-nu om tegenover die cynische exploitatie van onze data een cultureel hoogstaand, menswaardig, autonoom digitaal corpus te stellen. Ik zie het als onze uitdaging om onze producten aan elkaar te koppelen en zo digitale weerbaarheid te bieden. Om gezamenlijk te ontstaan, deelbaar te zijn, emuleerbaar te zijn. Touch it.

Ga maar na: van alle activiteiten die in het nummer omschreven worden zijn er weinig los te laten op deze op papier gedrukte column. Deze tekst is bevroren in drukinkt en valt niet te koppelen, te zoomen, te updaten. De tragiek van papier is exact dat: het is verheven, maar gebonden in eenzaamheid. Een papieren toren.

Vergelijk die eenzaamheid met wat er digitaal/online gebeurt. Big data, the internet of things, infographics. Of, dichter bij huis, literaire escapades die interconnectiviteit faciliteren, die op metaniveaus werken, die nieuwe interacties en thematische verdiepingen van narratieven aanbieden. Plug it, play it, burn it, rip it. Vorige maand nog, schreef en publiceerde ik ‘Cherries’ een tapstory voor op de iPhone. Vanaf concept tot publicatie kostte dat me één dag. En nul euro. Ik deed dat in het verlengde van het besef dat ik terughoor in ‘Touch It/Technologic’. Het woord ‘it’ komt er 350 keer in voor, ongedefinieerd. Maar je kunt, je moet, er van alles mee doen: Buy it, use it break it, fix it / Trash it, change it, mail – upgrade it.

Het scherm toont een rood puntje. Tergend traag beweegt het over een heuvelachtig gebied. Ik kan niet meer. Ik moet nog 1500 meter. Zie me stilstaan. Zie me rennen.

Daft Punk – Touch It/Technologic

Buy it, use it, break it, fix it,
Trash it, change it, mail – upgrade it,
Charge it, point it, zoom it, press it,
Snap it, work it, quick – erase it,
Write it, cut it, paste it, save it,
Load it, check it, quick – rewrite it,
Plug it, play it, burn it, rip it,
Drag and drop it, zip – unzip it,
Lock it, fill it, call it, find it,
View it, code it, jam – unlock it,
Surf it, scroll it, pause it, click it,
Cross it, crack it, switch – update it,
Name it, rate it, tune it, print it,
Scan it, send it, fax – rename it,
Touch it, bring it, Pay it, watch it,
Turn it, leave it, start – format it.

Technologic [4x]

Lock it, fill it, call it, find it,
View it, code it, jam – unlock it,
Buy it, use it, break it, fix it,
Trash it, change it, mail – upgrade it,
Charge it, point it, zoom it, press it,
Snap it, work it, quick – erase it,
Write it, cut it, paste it, save it,
Load it, check it, quick – rewrite it,
Surf it, scroll it, pause it, click it,
Cross it, crack it, switch – update it,
Name it, rate it, tune it, print it,
Scan it, send it, fax – rename it,
Touch it, bring it, pay it, watch it,
Turn it, leave it, start – format it.

Technologic [12x]

Tekst en muziek: Thomas Bangalter en Guy-Manuel de Homem-Christo. Afkomstig van het album Alive 2007.


Sidney Vollmer (1983) debuteerde in 2011 bij uitgeverij Podium met Alles ruikt naar chocola, een roman over muziek en weggestopte rouw, die ook als innovatieve bookapp voor de iPad verscheen. Hij schrijft voor Vice en werkt met creatief bureau Momkai aan een digitale roman.

Deze Losgezongen verscheen eerder in het jan-feb 2013 nummer van Passionate Magazine.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s