Niels ’t Hooft: ‘Ik wil de betekenisloze bubbel vullen’

De Utrechtse auteur, journalist en blogger Niels ’t Hooft (1980) schrijft over games voor nrc.next. Met zijn derde roman, De verdwijners, wil hij vooral ‘een verhalende ervaring’ veroorzaken. ‘Een hypothetisch vervolg zou prima een game kunnen zijn: ik ben handig geworden in het schrijven, maar ik heb geen onvoorwaardelijke liefde voor de roman.’

Het gaat niet goed met de wereld. Het is 2018 en vijf jaar geleden onthulde Google nauwkeurig het begin van het einde der tijden. De mensen zijn zwaarmoediger dan vroeger: de economische groei stagneert, het bevolkingsoverschot benauwt, de vergrijzing springt in het oog, klimaatverandering komt aan het licht en een energiecrisis is onafwendbaar.
Studente Marthe zoekt vertwijfeld naar haar zus, die onverwachts op vakantie is vertrokken, maar geen teken van leven vertoont. Marthe ontmoet hedoniste Lua, visionair Randy en pragmaticus Erhardt: drie jonge, energieke enquêteurs die ‘op de vloedgolf van de tijdgeest surfen’. In opdracht van Google vragen ze de verwarde bevolking naar hun diepste angsten en verlangens. De verzamelde gegevens gebruiken ze voor een heel ander doel. Een project waarin verdachte vleesproductie, ecoterrorisme en hulp bij zelfdoding hand in hand gaan. Wanneer Marthe zich aarzelend bij het gevaarlijke trio voegt, verandert alles.

Je begint ‘De verdwijners’ met een citaat van C. J. Whitman, de jonge Amerikaanse bouwkundestudent die in 1966 meer dan vijftien mensen om het leven bracht. Het ontbrak hem aan een precieze, rationele reden om zijn vrouw te vermoorden. Waarom juist deze huiveringwekkende woorden?
‘Het citaat heb ik heel laat toegevoegd, een reactie op alle logica waarmee ik tijdens het schrijven worstelde. Ik dacht constant na over waarom mijn personages deden wat ze deden en welke reactie op welke actie moest volgen. Op een gegeven moment had ik zin om alles overboord te gooien: misschien is er helemaal geen reden.’
‘Lua vertegenwoordigt dit thema: zij zegt een paar keer “misschien dóén ze het gewoon”. Dat herken ik: ik zie mezelf graag als een rationeel, doordacht wezen, maar er zijn genoeg kleine en grotere keuzes waarbij ik zomaar iets doe, en hoogstens na afloop mijn gedrag denk te kunnen beredeneren. Daarnaast leek het me goed om de lezers te primen met een ongrijpbare uitspraak van een moordenaar; er staat hen immers nog het een en ander te wachten.’


Niels1Namelijk: de naderende eindsom, die mensen zo moedeloos maakt dat ze elkaar helpen met ‘verdwijnen’?

‘Ik denk niet dat het geschetste scenario erg realistisch is – Google zou de laatste zijn die ‘de eindsom’ naar buiten zou brengen en het idee van een boosaardige megacorporatie is nogal Koude Oorlog – maar ik denk wel dat de meeste mensen te licht omspringen met de informatie die ze opgeven bij de gratis diensten van Google. Gmail-gebruikers denken “relaxed, ik heb grote opslagcapaciteit”, maar ze staan niet stil bij wat ze inleveren, dat ze een deel van hun ziel aan de CEO van Google verkopen. We gaan er inmiddels van uit dat al die diensten gratis zijn, maar we vergeten de dynamiek achter de schermen – Google krijgt geen geld van jou, maar krijgt geld door jou aan adverteerders te verkopen. Het kan geen kwaad iets bewuster te zijn.’
‘Ik heb het idee dat we de toestand in de wereld ervaren als een soort ondefinieerbare grauwe deken, hoe diep de recessie ook is, en hoeveel losse stukjes bewijs zich ook opstapelen dat het leven op aarde op deze manier niet houdbaar is. We hebben slimme methodes om slecht nieuws te compartimentaliseren, we laten het van ons afglijden: met games, films, het gezinsleven. Daarin kunnen we tijdelijk verdwijnen, zodat we even niet hoeven na te denken. Met De verdwijners zet ik daar een gedachte-experiment tegenover: wat als er geen vage sombere situatie was, maar heel concreet bewijs dat we écht met z’n allen naar de knoppen gaan? In mijn boek zie je dat de wereld dan doorslaat.’

‘Ik wilde een boek maken dat reacties oproept: you love it or you hate it, maar het laat je niet onberoerd. Dat vind ik ook mooi in andere media: ik hoef iets niet per se leuk of mooi te vinden, ik hoef het niet met de maker eens te zijn, zolang het me maar aan het denken zet. Ik geniet van mensen als Richard Dawkins of Michel Houellebecq, die het debat op scherp zetten. Ik heb geen antwoord op de grote thema’s, maar ik kan wel spannende vragen stellen.’
‘Ik heb het idee dat de Nederlandse literatuur te conservatief is, er zijn te weinig opwindende boeken. Het is allemaal te realistisch, er gebeurt te weinig. Daardoor hebben “we” veel lezers verloren. We moeten meer durven. Denk aan die blanco pagina, waarop werkelijk álles kan gebeuren. Ik heb de neiging om dit als een plicht op te vatten, à la Spider-Man; with great power comes great responsibility. Je kunt schrijven, dus móét je er iets opwindends mee doen. Niet per se een bomvol ideeënboek zoals De verdwijners, maar probeer in elk geval iets te maken wat er nog niet is.’

Een roman die neigt naar de spanning in ‘Onderhuids’ van Michel Faber, en waarin je flirt met sciencefiction, rijm, alliteratie en de vier elementen? Waarin je Shakespeare citeert, Schopenhauer verstopt en hippe, kille woordenschat als karabijnhaken, hubs, afvalschacht, rogue gaan, G-squads, outshockend, city security, de condo, plotternaald, afscheidsmateriaal, instant nano-eikels, server farms, de endgame en escapes gebruikt?
‘Ik heb lang en goed gekeken hoe ik drama en popcorn kon toevoegen. Zo verwijs ik naar het werk van Bret Easton Ellis, J.G. Ballard, Chuck Palahniuk en Houellebecq. En ik grijp ook terug op een quote uit een stripalbum van Moebius. Ik kopieer een scène uit Aladdin, gebruik Asterix en Obelix en put uit films als Die Hard, Apocalypse Now! en A Clockwork Orange, en games als Tomb Raider en Street Fighter. Ik hou van het spel tussen de lagere en hogere cultuur. Met je boekje boks je nu eenmaal op tegen televisieseries, concerten, sociale media, games en films. Die media pakken je directer bij de lurven; toch moet je ze de strijd om de vrije tijd van de mediawijze consument niet laten winnen.’
‘De behoefte aan verhaalervaringen blijft. Naast alles wat we “moeten”, zoeken we verhalen met een begin en een eind; die ons laten huilen en walgen, die ons opwinden en laten lachen, die onthutsen. Mijn eerdere romans zijn prima gerecenseerd, maar het gevoel dat ik eraan overhield was dat veel lezers het “wel aardig” vonden: wat ik vertelde deed niet genoeg met ze. De verdwijners is het resultaat van verschillende interesses en fascinaties. Daaruit destilleerde ik een soort totaalervaring, een spektakelstuk: vol humor, drama, filosofie, seks, geweld en politiek. Ik heb geen duidelijke boodschap, ik breng eerder een bepaalde manier van kijken over, een houding die de wereld tegelijkertijd uit tal van oogpunten aanschouwt.’

De verdwijners is nadrukkelijk een roman; wat mij betreft de beste vorm om dit verhaal te vertellen. Maar in tegenstelling tot veel andere schrijvers ben ik niet innig gehecht aan grote lappen tekst. Ik vind stripboeken, films, tv-series en games ook gaaf. Daar zou ik graag aan werken, en als dat niet lukt, de lessen uit die media op mijn roman toepassen. Nu het boek af is, wil ik onderzoeken hoe mensen de inhoud ervaren, en bij een eventuele herdruk mogelijk aanpassingen doorvoeren. Bij games is dat gebruikelijk, en van films worden director’s cuts gemaakt. Waarom nooit bij boeken?’
‘Het maakproces had ook wat weg van hoe men bij games te werk gaat. Mijn eerste versie, het skelet, heb ik zo snel mogelijk geschreven: een prototype om aan meelezers te geven, waaraan ik me bewust zo min mogelijk hechtte. Ik moest me wel over wat gêne heen zetten: ik had liever een gepolijste tekst gedeeld. Maar hoe langer je ergens aan prutst, hoe moeilijker je kritiek in ontvangst neemt, en hoe minder wendbaar de tekst wordt. Aan mijn meelezers stelde ik gerichte vragen die hielpen om de tweede versie radicaal te herzien.’
‘In de eerste versie zat het einde vol verrassingen; alle geheimen vielen rauw op je dak. Inmiddels staan onthullingen die ooit deel van de climax waren, letterlijk in het eerste hoofdstuk. Ik heb geleerd hoe je moet foreshadowen; hoe ik ervoor zorg dat de lezer naar bepaalde informatie gaat uitzien.’


Niels2In je boek wissel je de hoofdstukken af met (onderstaande) enquêtevragen, waarmee je de mogelijkheid tot introspectie aanreikt: Wat is je grootste angst?

‘Mijn hoogtevrees heb ik aardig onder controle. Mijn claustrofobie is minder makkelijk te temmen, maar zolang ik niet door nauwe grotten ga kruipen, ben ik denk ik wel oké. Sinds ik kinderen heb, is mijn meest reële angst dat hen iets overkomt. In het verlengde daarvan ligt de angst om ze in de steek te laten. Ik geloof niet dat ik ooit erg bang voor de dood ben geweest, maar het idee dat ik door mijn dood ook mijn kinderen verlies, raakt me. De klassieke kunstenaarsangsten, zoals de angst om door te mand te vallen, verbleken hierbij.’

Vind je het verstandig kinderen te krijgen in het huidige tijdsgewricht?
‘Ja hoor. Voor mij als “male, middle class and white” in een – toch nog altijd – rijk land vol mogelijkheden hoef ik hier niet lang over na te denken. Tegelijk is het natuurlijk “onweetbaar” of het echt verstandig is. Gaat er nog oorlog komen? Zal Nederland overstromen? Zet de recessie verder door? Maar mijn kinderen zijn straks oud en wijs genoeg om voor zichzelf te bepalen of ze in deze wereld willen leven. En zij zullen tal van opties hebben om er, indien gewenst, mee te stoppen. Dat is natuurlijk een theoretische gedachte, waarover ik als vader in de praktijk niet wil nadenken.’

Wat is je grootste droom?
‘Ik zou als auteur genoeg cachet willen hebben om grootse, meeslepende projecten op te zetten. Niet per se boeken, het mogen ook games of films zijn, of andere interessante creatieve plannen – zonder dat ik me al te veel zorgen over geld hoef te maken. Het lukt best aardig, in zekere zin leef ik mijn droom al. Dat is natuurlijk ook de truc van een lang en gelukkig leven: je moet altijd tegelijk net wel en net niet zijn waar je wilt zijn. En de lat steeds hoger leggen, zodat je in beweging blijft.’

Wat beschouw je momenteel als grootste bedreiging van de mensheid?
‘Zij die in rijkdom leven begeven zich in een luxe wereld waar verdraaid weinig mis mee is. Het is makkelijk om wat te werken, relaties aan te gaan, je vol te stoppen met ongezond eten, waardoor je niet eens héél jong hoeft te sterven. Terwijl wij, als rijken, in theorie het verschil kunnen maken, denken de meeste mensen amper na over de wereld om zich heen, laat staan dat ze actie ondernemen. Dat gebrek aan kritisch nadenken, de status quo bevragen, is volgens mij de grootste bedreiging. Geen bedreiging van het voortbestaan van de soort, die gedijt prima als je hem toetst op onze biologische opdracht, maar wel een bedreiging van een hogere potentie die de mensheid op papier toch duidelijk heeft.’

Lua stelt zich als volgt op: ‘Ik speel juist om overeind te blijven in een nutteloze wereld. Zonder spel weet ik niet of ik er nog zou zijn’.
‘Hier kan ik me wel in vinden, ook ik zie de noodzaak om kunstmatig betekenis te creëren. Uiteraard kun je de realiteit ontkennen en een relatief modernistische lijn aannemen, zoals Lua het hedonisme omarmt. Lichamelijk genot is dan heilig en daar valt iets voor te zeggen. Spelen is doen alsof: “laten we doen alsof het zin heeft om drie jaar lang aan een boek te werken!” Als het niet lukt om dat “doen alsof” vol te houden, faal je, en dan krijg je dat boek never nooit geschreven. Zonder spel was ik er nog wel geweest, vermoed ik, maar zou ik een stuk minder productief zijn.’

Erhardt veronderstelt dat alles bij zelfbeheersing begint…
‘Zijn uitspraak is vrijwel autobiografisch; een passage waarin hij zich tot een klusje moet zetten waarin hij eigenlijk geen zin heeft, omdat er – op voor de klus niet eens relevante niveaus – onzekerheden bestaan. Als freelancer maak ik dit regelmatig mee: er zijn nu eenmaal ups en downs, om welke reden dan ook, en toch moet ik doorwerken. Soms is daar behoorlijk wat wilskracht voor nodig. Ik moet mijn luiheid en desinteresse in toom houden. Dat Erhardt dit denkt als hij zichzelf bedwingt en niet de korst van zijn schaafwond pulkt, terwijl hij net wel aan de verleiding heeft toegegeven om zich tijdens werktijd te scheren, na een veel te uitgebreide lunch, vind ik een grappig detail.’

Marthe meent dat we uiteindelijk ‘allemaal dolende bubbels’ zijn. ‘We zweven aan elkaar voorbij, meer niet, want als we elkaar raken, dan spatten we uiteen.’
‘Ze heeft gelijk, in de zin dat we “dolende bubbels” zijn. We leven in onze eigen wereldjes, breintjes onder een schedeldak. Slechts af en toe hebben we de illusie van connectie. Je hebt je zintuiglijke ervaringen, en de ander heeft die waarschijnlijk ook, maar zeker weten doe je dat niet. Er is geen werkelijke brein-tot-brein interface. Ik word niet claustrofobisch van die gedachte, ik vind het vaak aangenaam in mijn bubbel. En de “soft brain links met vertaalslag” met vrienden of geliefden kunnen zeker de moeite waard zijn. Het kan ook heel lang goed gaan. Mijn ervaring is dat de bubbels zelden “uiteenspatten”. Het is te betreuren dat Marthe het anders ziet, maar zij heeft pech gehad: met haar nukkige ouders, en dat ze zich heeft laten meeslepen door de enquêteurs.’

Randy haalt de befaamde Hamlet-monoloog aan; is het nobeler om te lijden onder alles wat het lot je toewerpt of om de wapens op te nemen tegen een zee van zorgen en er al strijdend een einde aan te maken? Wat is hierop jouw antwoord?
‘O jee, dat is een moeilijke vraag. Ik ben bang dat ik hier het verkeerde antwoord op geef en dat je me dan door hebt… De vraag is niet óf ik als bedrieger door de mand zal vallen, maar wanneer – de last van het zogenaamde impostor syndroom. Ik denk dat het niet handig is om de positie van lijdend voorwerp in te nemen. Als je zo kijkt, is het einde zoek. Je hebt echter een beperkte tijd en je hebt lichamelijke driften. Je gaat lijden als je niet in bepaalde basisbehoeften voorziet, dus het is wel zinnig om na te gaan hoe je in de vaart der volkeren kunt meedraaien.’


Niels3Cicero schreef dat onrecht lijden beter is dan onrecht plegen. Of hou je liever vast aan Randy, die vaststelt dat ‘of je terrorist of vrijheidsstrijdster bent is afhankelijk van wie de oorlog wint’?

‘Ze hebben beiden gelijk. Onrecht lijden is inderdaad beter dan onrecht plegen, maar zowel de terrorist als de vrijheidsstrijder hebben al een grens overschreden. Ze hebben de wapens opgenomen, geaccepteerd dat er collateral damage zal zijn, en dan is het inderdaad een kwestie van perspectief wie goed is en wie slecht. Randy’s opmerking is filosofisch en het antwoord van Marthe, “het zijn altijd de goeien die winnen”, is simplistisch en arrogant; hoe kun je immers weten wie de goeien zijn? We leven in een postmodern tijdperk waarin ik weet dat er geen wezenlijke antwoorden zijn, maar als je toegeeft aan die gedachte kom je in een betekenisloze bubbel terecht. En die wil ik blijven vullen. De grote vraag blijft alleen: hoe te leven? Wat gaan we dan doen? Waarom komen we ons bed nog uit?’

Ja, waarom eigenlijk?
‘Ten eerste, om mooie dingen te maken. Een toneelstuk, een film of een boek. Iets waarin je kunt opgaan en totaal geabsorbeerd wordt zodat er een flowtoestand ontstaat. Misschien is dat wel de enige manier om intellectuele invulling te geven aan onze biologische missie; “repliceer jezelf om de soort in stand te houden”. Een kunstwerk in je evenbeeld creëren, dus. Ten tweede heb ik inmiddels kinderen. Toch verleid door de biologische missie. Wij mensen zijn uitstekend in staat om daar heel erg in op te gaan. Wederom een kunstwerk in je evenbeeld, trouwens. Bij de derde reden volg ik Lua’s perspectief: de kortstondige kick van de aangename sensatie.’

De verdwijners van Niels ’t Hooft is verschenen bij uitgeverij Atlas Contact. Boek uit? Doe dan mee aan het De verdwijners-onderzoek.


Nadine Ancher werkt als redacteur, journalist, vertaler en fotograaf. Ze publiceerde interviews en reportages in onder meer De MorgenADVrij NederlandNieuwe RevuOpzijMargriet en Marie Claire. Lees meer artikelen van haar hand.

Een gedachte over “Niels ’t Hooft: ‘Ik wil de betekenisloze bubbel vullen’

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s