De dans als levenshouding 

In Woedende dansen kunnen niet zingen van Kees Engelhart wordt er niet gedanst op de vulkaan, maar is dansen een manier om met het leven om te gaan. Het leven ís een dans. In het eerste gedicht van de bundel ‘Dat lied alleen’ danst de angst: Angst is een merkwaardig ding / Het huppelt en schurkt / Beneemt adem soms / Verzorgt steken in de maagstreek / Danst op gloeiend houtskool / Maar danst / Net als de dans zelf.

Angst hoort bij het leven en lijkt qua klank niet voor niets op danst. Angst is niet uit te roeien maar wel te beheersen. Hier is wél een zekere vrijheid, zo betoogt Engelharts poëzie. Zijn gedichten zijn dan ook geschreven in een vrije vorm, maar wel ritmisch als een dans. De grote thema’s van het leven schuwt hij niet, zijn ambitie blijkt wel uit het motto: Ik zing geen lied, waar men / mij niet om gevraagd heeft van Vergilius.

Acceptatie van het onbestemde
Engelhart pleit in zijn poëzie voor het ondergaan van chaos, willekeur en onwetendheid. Het is nu eenmaal zo, soit, leer er mee leven. Het gaat vaak om onbestemde entiteiten in de bundel en Engelharts zinnen dansen eromheen. In ‘Naar vanwaar het kwam’ wordt er een ‘het’ beschreven, maar de taal lijkt hier ontoereikend voor: Het is eerder nachtelijk van natuur / Bewegelijker / Soepeler misschien / In ieder geval adequater / Beter toegerust voor het duister / dan wat dan ook / / Het verslindt brommers net zo makkelijk / Als / Als. Alleen door middel van omwegen is ‘het’ te beschrijven en eigenlijk is het niet mogelijk iets te vinden wat vergelijkbaar is. Dat ongrijpbare / Lijkt het wat griezelig te maken / Maar dat is niet zo. We moeten onze impuls om alles helder te willen hebben loslaten, dingen zijn niet eenduidig: ze vervormen, veranderen.
De vorm die Engelhart gebruikt is dan ook erg vrij. Vooral doordat hij veel varieert met regellengte, ontstaan er tempowisselingen die zijn gedichten een bijzondere dynamiek geven. Ook gebruikt hij geen interpunctie en begint hij elke regel met een hoofdletter. Dit dwingt de lezer om aandachtig te lezen, en geeft de lezer de vrijheid om zelf de pauzes te zetten en om strofes op meerdere manieren te lezen. Je bent hierdoor wel geneigd om de regels als afgeronde zinnen te zien, maar Engelhart onderbreekt dit kundig door langere regels af te wisselen met regels van een à twee woorden.

Productiviteit van de angst
Pijn en humor zitten soms dicht bij elkaar in Woedende dansen…. ‘Kom’ begint als volgt: Nu een fijn verhaal / Of iets dat daar op lijkt / Vertel eens wat over angst / Daar zijn grappen over te maken. Het is op het eerste gezicht cynische humor die afsteekt tegen toch iets optimistischere toon van de rest van de bundel. Angst is zo leuk / Werelden op te bouwen / Voer is het / Geef niet te veel / Een beetje is genoeg. Toch kun je met angst ook licht omgaan, er grappen over maken. Ook al is het misschien niet fijn, het kan productief zijn. Kees Engelhart is niet bang geweest om de angst aan te pakken in Woedende dansen zingen niet. Hij is grote thema’s te lijf gegaan, zonder ze vast te pinnen – hij heeft ze juist laten dansen. Het heeft een energieke bundel opgeleverd.

Kees Engelhart, Woedende dansen kunnen niet zingen
paperback, 100 blz, €12,50
De Manke God, ISBN 978 94 90869 007


Joep Harmsen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s