Nachtdienst

Nachtdienst

Ik huppel door de straat van links naar rechts en weer terug.
De muziek staat lekker hard
en niet alleen maar in mijn hoofd.
Mijn schaduw is een heel dun streepje flinterdun
mijn rugtas heeft dezelfde vorm dezelfde kleur
dezelfde stippen als een platgeslagen lieveheersbeestje.
Het barst hier van de huizen, auto’s, vuilnisbakken
alles brandbaar alles schots en scheef.
Het heeft gewaaid verschrikkelijk maar overal is hemels licht
dat als een warme saus is uitgegoten over gevels, tuinen, daken.
Dit is de romantiek van lang geleden.
Toen de mensheid nog niet stonk
maar doodgeknuffeld werd door goden en godinnen.
Een aasgier cirkelt machtig boven alle dingen –
vreemd, die vogels komen hier niet voor.
Van top tot teen bevroren oogjes dicht
en dromend als het ware met de lampen aan
raap ik een dikke tak op van de grond. Man
wat gaat dat traag
wat een ravage ook.

Dit gedicht is afkomstig uit de dichtbundel Mens Dier Ding die begin 2014 verschijnt bij De Bezige Bij.


Alfred Schaffer (1973) doceert aan de universiteit van Stellenbosch in Zuid-Afrika. Hij publiceerde vijf dichtbundels, waaronder Schuim (2006) en Kooi (2008). Hij won o.a. de Jo Peters Poëzieprijs en de Jan Campertprijs. Zijn werk werd in diverse talen vertaald en in 2013 verscheen in Zuid-Afrika de bundel Kom in, dit vries daar buite, een bloemlezing uit zijn werk in Afrikaanse vertaling.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s