Halfzes

Halfzes

De componist van muziek voor warenhuizen en winkelcentra
Oud geworden en gezeten aan een tafeltje bij het linkerraam
Naast de ingang van het eetcafé kijkt naar buiten en schuift
Het halfvolle bord eten van zich af
Het is half december de dagen korten nog en hij ziet hoe snel
De schemer zich omzet in duisternis

De lichten in het eetcafé worden ontstoken en onmiddellijk in
Het raam ontwaart de componist de beeltenis van een gezicht
Dat oud geworden is en hem nors en ontevreden aanstaart

De componist van muziek voor warenhuizen en winkelcentra
Overdenkt de vele jaren van zijn leven die hij doorbracht in
Het gezelschap van zeer begerenswaardige vrouwen die de
Talloze huizen van genot die hij zovele malen heeft bezocht
Op zekere tijden bevolkten
Niet zelfs de meest eenzame heeft hij aan kunnen zetten
Zich aan hem te binden hoewel hij in zeer goede doen was
En meer en meer doorspoelde zich de componist met de drank
Die niet troosten kan maar dempen wel

De componist van muziek voor warenhuizen en winkelcentra
Wendt zijn gezicht af van het raam en bitter is de componist
Wanneer hij denkt aan de tijd die hij verspild heeft met het
Najagen van genot en het uiteindelijke geluk dat daarop volgen zou
Zij waren niet bestemd voor de componist maar voor anderen
Die hij geen van allen kende dat weet de componist van muziek
Voor warenhuizen en winkelcentra nu maar al te goed

Dan legt de componist een tientje op het schoteltje rechtsvoor
De componist trekt zijn winterjas aan dan groet hij een man
Die achter de toog glazen staat te spoelen
En verlaat het eetcafé

Maar echt bederven doet het haar luchtig gemoed niet

Deze middag bezoekt mevrouw Leenschat van Bodegraven
Op haar gemakje de dodenakker van de provinciestad aan zee
Om naast andere zaken via de neef van Multatuli
Multatuli zelf de groeten te doen

De zon schijnt ruimhartig en het grind knerpt onder
Mevrouw Leenschat van Bodegraven haar open uit zacht
Leer getoverde kostbare sandalen al spoedig bemerkt mevrouw
Leenschat van Bodegraven dat de keuze van haar schoeisel
Niet de allerbeste was kleine scherpe steentjes vinden
Moeiteloos hun weg naar de ruimte tussen mevrouw
Leenschat van Bodegraven haar blanke voetzool en het
Voetbed van haar sandalen wat niet prettig te
Noemen is maar waardoor mevrouw Leenschat van Bodegraven
Zich haar beslist fijne wandeling niet laat ontnemen

Vele bekenden half bekenden en onbekenden trekken aan
Mevrouw Leenschat van Bodegraven haar scherpe
Genietende blik voorbij de vogels zingen en ondanks
Haar lichte ongemak begint mevrouw Leenschat
Van Bodegraven zachtjes Pennies from Heaven te neuriën
Zonnestralen spelen door het gebladerte van de vele
Bomen ontspannen over de vele graven

Plotseling valt mevrouw Leenschat van Bodegraven haar
Blik op een witte marmeren grafzerk waarop in
Zwarte letters geschreven staat
Het Leven Is Wat Je Gebeurd
Terwijl Je Andere Plannen Maakt
Voor eeuwig denkt mevrouw Leenschat van
Bodegraven zal die spelfout op haar grafzerk staan
Wat erg zoiets

Kees Engelhart (1957) debuteerde met de dichtbundel Wereldsuccessen (2006). Eind vorig jaar verscheen het eerste deel van zijn Dagen van van Putten bij uitgeefhuis De Manke God. Begin november verschijnt bij De Manke God het boek Een zweep voor eigen rug, waarin Jan Holtman negen hedendaagse dichters interviewt, o.a. Kees Engelhart, Ester Naomi Perquin en Delphine Lecompte.
Foto Saskia Peters

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s