Yannick Dangre: ‘Leven met ketens is interessanter’

Dichter-schrijver Yannick Dangre (1988) verruilde twee jaar geleden het Vlaamse vlakke land voor de Amsterdamse haven vanwege de liefde en het levendige literaire landschap. Langzaam verloor hij zijn zachte, Antwerpse tongval en sinds kort draagt hij trots de titel van taalschizofreen. Vorige maand publiceerde hij zijn tweede bundel Met terugwerkende kracht, ‘poëzie over een man die zichzelf verliest, een vrouw die zichzelf verloren heeft en kinderen die de wereld weer bij elkaar puzzelen’. 

Qu’as-tu fait, ô toi que voilà
Pleurant sans cesse,
Dis, qu’as-tu fait, toi que voilà,
De ta jeunesse?

Je bundelmotto van Paul Verlaine leent zich opgesplitst meteen in een eerste vraag: wát, zeg me, is er met je jeugd gebeurd? 
Dangre1‘Nou, ik heb een hele gelukkige jeugd gehad, eigenlijk te gelukkig (lacht). Fijne ouders, een interessante en hechte vriendengroep, stimulerende docenten, kortom alles wat een kind wil. Daardoor kreeg ik op mijn achttiende wel een soort klap. Ik besefte meteen dat het beste voorbij was, een gevoel dat je normaal pas veel later in je leven moet hebben. Ik werd in zekere zin ook “wakker” omdat ik zo abrupt die naïeve kinderblik had verloren. Ik zag plots hoe het eraan toe ging in de wereld, de mechanismes die tussen mensen en vooral tussen ouders en kinderen spelen. Misschien is het wel een voorwaarde om gelukkig te zijn dat je dat soort dingen niet ziet.’

Moeder prent ons in
wie wij zijn
in haar ondergelopen dromen
.

‘De band tussen ouders en kinderen intrigeert me. Je ontsnapt niet aan die band: iedereen heeft ouders en groeit op in een of andere vorm van een gezin.’

Kind na kind blijft het stil
terwijl moeder opnieuw haar stem
als een spade in onze dagen zet.

Wij luisteren er niet naar,
worden zwaarder van elk jaar
dat zij reeds in ons opgraven wil.

‘Wat ik daarbij telkens opvallend vind, is dat ouders zichzelf via hun kinderen een soort tweede kans proberen te geven, zo van “ik heb zelf niet alles kunnen realiseren wat ik wilde, maar dat ga jij wel doen”. Natuurlijk wordt dat nooit zo direct uitgesproken, maar in veel gevallen komt het daar wel op neer.’

In Met terugwerkende kracht vraag je je af hoe een man, zijn (ex-) vrouw en hun kinderen zich tot elkaar (moeten) verhouden. Je praat over hen alsof het romanpersonages zijn die je door en door kent. 

‘Oorspronkelijk bestond de bundel louter uit die mannenstem, maar na een eerste lezing besefte ik dat dat te eentonig was. Ik miste het tegengeluid van de vrouw. Later zijn daar dan nog de kinderen bijgekomen, want die hebben in zekere zin de meest objectieve blik op hun beide ouders.’

Ach laat het zijn, denken wij
en blijven dromerig zitten in jaren
van traag verongelukken in elkaar.

‘Dat concrete gezin met die drie personages is dus eerder het product van een spontaan, organisch proces. Het is zeker niet zo dat ik hen doelbewust van tevoren bedacht had, zoals ik dat wel met een roman zou doen.’

Hoe zou je dat trio typeren?

‘Die kinderen maken de man en de vrouw, die soms erg hard zijn voor elkaar, zachter. Mede dankzij hen beseft de lezer dat die ouders het ondanks alles geprobeerd hebben, dat ze hun best hebben gedaan.’

Ook leggen zij uit hoe rimpels
langzaam je goedheid inslikken.

‘De man is een melancholicus die het heden steeds onbevredigender vindt in het licht van het verleden. Hij heeft geen hoop meer. Hij beseft dat hij niet kan herstellen van wat er gebeurd is en sluit zich op in die teleurstelling. Toch blijft hij in de praktijk wel hopeloos naar uitwegen zoeken, bijvoorbeeld op een datingsite. Maar hij weet dat hij niets zal vinden, want het enige wat hij wil vinden, is hij kwijt.’

ben je twintig jaar wijzer en weet je niets
meer zeker. Behalve dat je elke avond klikt
en klikt met ene lijf vol gemis en nicotine –
het is dat alle liefde moet eindigen
in een zoekmachine.

‘Bij de vrouw zie je weer meer hoop. Zij voelt zich tekortgedaan en ergens hoopt ze nog dat de man die liefde zal herstellen. Ze schreeuwt om communicatie, roept wanhopig om zijn antwoorden.’

Als ze me vragen waarom ik met hem,
antwoord ik waar zijn haakjes blijven. 

‘Ze is duidelijk nog niet klaar met die man. Ze hebben het samen geprobeerd, maar het lukte gewoon niet. Ook na de scheiding komen ze niet los van elkaar. Als liefde mislukt, houdt die niet onmiddellijk op natuurlijk. Dat gegeven veroorzaakt nu precies de pijn. Het zou gemakkelijker zijn als alle gevoelens ineens wegvallen; dan kun je onbezwaard in het volgende stappen. Gevoelens blijven nazinderen en door een kind blijf je, hoe je het ook draait of keert, altijd met die geliefde verbonden.’
‘We hebben het alleen nooit volledig in de hand of liefde uiteindelijk blijft duren. Bij de man en de vrouw in de bundel is het vooral de tijd die op hen inspeelt, die ervoor zorgt dat het kapotgaat.’

dat meisjes, ze zijn dan ongeveer twaalf, hun moeders beginnen
op te rapen. Steeds valt er een stukje van hen af
(in de plaats komt een rimpel, dat is een lijntje inzicht
in hun verdriet) en nemen dochters trots
hun vormen over.

‘Tijd is een belangrijk thema: het (onbewuste) wachten op iets, op elkaar, op een gebaar. Ik schrijf onder andere over kelders waarin mensen zichzelf aftellen, zich angstig afvragen hoe lang het nog duurt voordat de Duitsers komen. Ik dicht over mensen die aftellen naar het einde van hun relatie, de naderende dood van een grootvader, kinderen die wachten om te kunnen vertrekken. Het is een steeds terugkerend proces, ook op een hoger niveau. De geschiedenis herhaalt zich, en dat is zeker in mijn bundel het geval tussen de ouders en de kinderen.’

Over herhaling gesproken: meerdere keren tref ik regels waarin het hoofd gevuld wordt. Er joggen mensen door je hoofd, de gebroken veren die waaien door ons hoofd, vader stapelt slapeloos kinderen in zijn hoofd, al jarenlang bewaren zij een tafel in hun hoofd, sluipen wij ’s nachts zelf hun hoofd weer in, en bliksemt het ook wel eens door mijn hoofd.
Dangre2‘Nu je deze regels opnoemt begrijp ik het wel: het leven speelt zich heel erg in de hoofden van de personages af. Het gaat niet om het echte leven; het echte leven zit tussen hun oren. Voor de mens is het altijd belangrijker hoe hij de wereld ervaart dan hoe die wereld echt is. En dat geldt zeker voor de man in mijn bundel.’

Hij is nooit thuis. Hij drinkt
te veel. Zijn hart heeft hij opgerookt
en er broeit een geheime vrouw
achter zijn keel. 

Ondanks ‘God die maar niet uit het nachtkastje komt’; is dit een knipoog naar de Openbaring van Johannes uit het Nieuwe Testament waarin je dicht over het einde van zijn wereld? 

‘Inderdaad. Het gedicht gaat over een moment van inzicht. De man voelt zich in de steek gelaten door anderen, door vrouwen en door God. Het is ook het laatste gedicht van die afdeling. Het gaat over zijn persoonlijke ondergang. Hij wordt berecht in die zogenaamde “openbaring” en hij beseft dat hij in het slechte kamp terechtkomt.’
‘Toch vormen de gedichten geen sluitend verhaal. Door het laatste gedicht – waarin ik de suggestie wek dat de vrouw wellicht zelfmoord heeft gepleegd – ga je de rest misschien anders lezen. Dan denk je toch, o wacht eens even, dan is hij een weduwnaar. Ik lever geen sluitend bewijs, maar het is wel een optie. Ik vind het literair – en al helemaal in poëzie – sowieso interessanter als de dingen niet voor honderd procent vaststaan.’

Ze belde en zei: ‘Ik neem de trein naar mijn moeder,’
als was het het begin van een mop.

Toch leg je de nadruk op het verleden van de personages en het feit dat ze daar niet aan kunnen ontsnappen.

‘Het fascineert mij enorm hoe mensen omgaan met hun verleden. Als je tien mensen hebt, herinneren ze zich eenzelfde gebeurtenis allen op een verschillende manier. Zeker kinderen herinneren zich vaak de dingen anders dan hun ouders. Nog frappanter wordt het natuurlijk met pijnlijke dingen. Soms is een gebeurtenis zo moeilijk te verwerken dat je er met terugwerkende kracht iets anders van gaat maken om het draaglijk te houden. Het is een onbewust proces, een psychologisch beschermingsmechanisme. Het verleden staat dan ook niet vast, we veranderen het zelf voortdurend.’

tot ze ons teder weer vastgrijpt
als de laatste bezem
om haar jeugd bijeen te vegen.

‘Ik geloof er sterk in dat alles wat een mens meemaakt, blijft doorwerken in het heden. Vooral de dingen die je zelf niet hebt kunnen kiezen zijn vaak van fundamenteel belang. Het gezin waar je uit komt, de plek waar je opgroeit, hoe intelligent of mooi je kind is, dat zijn allemaal dingen waar je geen vat op hebt, maar die wel doorslaggevend zijn voor je leven en je geluksgevoel.’

Ondanks die pijnlijke gebeurtenissen in het verleden, verlangen je personages er ook naar terug.

‘Mensen houden vaak meer van hun eigen ketens dan van totale vrijheid. Ik ook. De totale vrijheid is saai, je kiest niets, het heeft iets lafs. Een leven waarin je keuzes maakt, waarin dingen op het spel staan omdat je je eraan verbindt, is veel interessanter. Zodra je kiest ben je niet meer vrij, keten je je vrijwillig vast aan iets of iemand. Je moet je aan die keuze houden en dat betekent automatisch verlies.’

En tragiek…

‘Tragiek heeft natuurlijk met verlies te maken. Tragiek gaat over dingen die je doet ondanks jezelf, ondanks het feit dat je weet dat je er iets mee zal verliezen. Daarom zit in tragiek een zekere grootsheid, een grootse menselijke poging. En ja, vaak gaat het om een poging tot liefhebben. Je ziet dat mensen het moeilijk hebben om te kiezen omdat er zoveel keuzes zijn. Ze zijn bang dat ze het verkeerde kiezen, of bang van het definitieve karakter van sommige keuzes, zoals een kind nemen.’

Ik zie het aan hun gezichten: de angst
die niet meer in een aktetas past: de drang

Kamp je zelf soms met die angst?

‘Zelden. Ik weet, door het schrijven, al langer wat ik met mijn leven wil doen en ik engageer me honderd procent voor die keuze. Als ik al angst ken, geldt die vooral het ouder worden, het feit dat je dingen verwezenlijkt in plaats van dat je naar de verwezenlijkingen op weg bent. Daarom is er ook altijd veel teleurstelling aanwezig in mijn poëzie. Want of je nou iets verwezenlijkt of niet, het gaat hoe dan ook voorbij, en de teleurstelling daarover is in mijn geval altijd groter dan de vreugde om de verwezenlijking. Soms denk ik wel eens dat teleurstelling mijn basisemotie is. Het is nooit genoeg. Zoals Flaubert al zei: “Je cherche des parfums nouveaux, des fleurs plus larges, des plaisirs inéprouvés.” Het is altijd die zoektocht naar meer omdat het hier en nu niet voldoende is.’

Kom, zeggen ze, maar ik wil nog een koffie
voor mijn leeftijd tussen je benen wegtikt
en ik eindelijk opraap

wat je negen maanden
uit mijn lichaam hebt weggelaten.


Verlaine zocht voor zijn teleurstellingen troost bij God, werd katholiek en publiceerde diepreligieuze gedichten. Jij noemde een afdeling Advent en de bundel bevat drieëndertig gedichten. Waaruit put jij troost?

‘Niet uit religie. Het geloof speelt in mijn leven zo goed als geen rol, al ben ik zeker geen atheïst. Het goddelijke is, al was het maar literair, hoe dan ook een interessante notie. En de kerk heeft natuurlijk prachtige kunst voortgebracht. In die kunst vind ik troost, net als in de liefde en in de literatuur. Het fantastische aan literatuur is dat alles kan, alle beperkingen van de realiteit worden opgeheven. Ik ben het dan ook met Peter Buwalda eens die laatst zei dat een goed boek duizendmaal interessanter dan de werkelijkheid is. Literatuur biedt schoonheid en schoonheid biedt troost. De troost zit voor mij niet zozeer in de concrete activiteit van het schrijven, maar vooral in wat geschreven is.’

Alleen het wachten tot we
onszelf naar de haaien
slapen, toch weer ontwaken
en rouwen om het vertrouwde
van ons vel.

Hoe zit het met die vermeende lenige, oude ziel in dit nog jonge lichaam? Waar begint en stopt het lichaam, waar sluimert de geest van Yannick Dangre? 

‘Alle personages uit mijn boeken en bundels zijn toch mensen die op een bepaalde manier in mij zitten. Ik denk dat de bundel een optelsom van mijn ikken is. Bij iedereen kan ik een stukje kwijt, mijn persoonlijkheid wordt uitgespreid in mijn geschriften. Schrijven is voor mij dan ook de ideale kunstvorm om elke facet van mezelf via een personage te onderzoeken.’

Met een lichte nadruk op Sophia, de vrouwenstem van Sagesse?
Dangre3‘De vrouw in de bundel zit op het snijpunt van zachtheid en wijsheid. Ik probeer die verschillende aspecten van de vrouwelijke psyche te vangen, vooral in haar zorgzame, maar tegelijk volwassen omgang met haar kind. Zij is dan ook duidelijk positiever dan de melancholische man. Zo zwartgallig is de bundel dan ook zeker niet (lacht). Ik laat zien dat het vaak een kwestie is van verkeerd communiceren tussen geliefden.’

Toch lijkt ook die hoopvolle vrouw gedoemd, want je suggereert in het laatste gedicht dat zij zelfmoord pleegt?

‘Ja, en toch lijkt zij ironisch genoeg meer aan het leven te hangen dan de man. Zij vertegenwoordigt meer de hoop, en hoop houden is te allen tijde wijzer dan verzinken in jezelf. Want kijk naar de man: hij weet dat zij de liefde van zijn leven was, maar die liefde is weg. Hij weet waarom en hoe alles is misgelopen, maar dat betekent nog niet dat hij er iets aan kan doen. Ook dat is natuurlijk een vorm van wijsheid. Wijsheid draait voor mij vooral om een weten, meer dan om iets praktisch. Praktische wijsheid is haast een contradictio in terminis. Wijsheid is weten wat onveranderlijk is en iets doen aan de dingen die je wel kan veranderen.’

In ons zakt gaandeweg het water.

Yannick Dangre (1988) debuteerde op tweeëntwintigjarige leeftijd met de roman Vulkaanvrucht. Vervolgens publiceerde hij de dichtbundel Meisje dat ik nog moet (Herman De Coninckprijs en nominatie C.Buddingh’-prijs) en de veelgeprezen roman Maartse kamers (tiplijst AKO Literatuurprijs). Onlangs verscheen zijn tweede dichtbundel Met terugwerkende kracht (De Bezige Bij).

Nadine Ancher werkt als redacteur, journalist, vertaler en fotograaf. Ze publiceerde interviews en reportages in onder meer De MorgenADVrij NederlandNieuwe RevuOpzijMargriet en Marie ClaireLees meer artikelen van haar hand.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s