Rijkman is niet weg

Het Grote Bankenboek van Joris Luyendijk staat rotsvast bovenaan in de boeken toptien en op de opiniepagina’s reageert men nog steeds op het nauwelijks gelezen succès fou van stereconoom Piketty. Je mag dus gerust stellen dat Arnoud van Adrichem met zijn nieuwe thematische dichtbundel Geld de tijdgeest stevig in zijn knuisten heeft. Hij heeft met poëtische middelen de kapitaalzucht verkend. Dat levert een unieke bundel op.

Niet dat hij een late instapper is die nog gauw een graantje wil meepikken van de hype, want in 2009 bracht hij met zijn toenmalige literaire tijdschrift Parmentier al een ‘Pecunia-special’ uit. Het onderwerp, en die schijnbare tegenstelling Geld – Poëzie, heeft hem sindsdien niet meer losgelaten. Het klassiek-romantische beeld is dat dichters in een geldloze wereld leven. Ze hebben geen geld en ze houden zich er verre van. Alsof het de muze zou corrumperen. ‘Lang leve de dichter!’, dichtte J.A. Deelder in zijn Prozaïsch gedicht: ‘Waarvan?’
Alleen daarom al is Geld van Van Adrichem een statement. Een poëtische satire die het kapitaal van alle kanten belicht. Het opent en begint met een pagina’s lang gedicht, in de stijl van een seminar zoals zelfverklaarde kapitaalgoeroes als de Wolf van Wall Street die plegen te geven. ‘Vandaag is een dag / voor winstmaximalisatie / en beleggingskansen / als opblaasbeesten zo groot. / Wij zien u al zitten / aan een niervormig zwembad.’ De cadans van deze gedichten palmt de lezer gemakkelijk in, als het verkooppraatje van de gebakkenluchtverkoper. Een financiële bijsluiter bij deze bundel was wel grappig geweest.

Wij zijn geen vogels, wij zijn bomen
Versneden in de bundel zijn drie afdelingen met de titel Afschrijvingen, met telkens acht senryu (haiku die geen natuursfeer maar het menselijk tekort vangen). ‘U kaart om een Porsche / en verhoogt de inzet met / uw tienerdochter.’ Niet ongeestig, maar ze lijken vooral als garnering te fungeren voor de romp van de bundel.
Die romp bestaat uit vier afdelingen van steeds twaalf gedichten. Deze zijn vormgegeven in de geblokte stijl die we ook van de vorige bundels van Van Adrichem kennen. Deze blokgedichten bestaan telkens uit 12 regels, de eerste en laatste regel korter dan de rest. Ik beschrijf dit zo administratief omdat die precisie uitdrukking geeft aan de afstandelijkheid die van deze gedichten uitgaat. Van Adrichem is hier de ongenaakbare griffier. Ogenschijnlijk brengt hij slechts verslag uit van de wederwaardigheden van de snelslimsluwe bankdirecteur Rijkman, die inderdaad losjes gemodelleerd is naar de voormalige ABN-AMRO CEO, zijn slecht begrepen humor, zijn voorliefde voor de jacht en zijn lamme klauwtje incluis.

Albinozonnetje aan de hemel.
Nauwelijks bleker dan het bestuur dat picknickend
de girafhoge efficiencyratio bespreekt. (Een teveel
aan zuur.) Rijkman moet nu door de roodbakstenen
muur van de rede breken. Iets zeggen wat kalmeert.
Vaderlijk, maar niet belerend. Zoals hij de bezetters
(Lidl-pils fleppend) van dit stadspark ooit toesprak.
Rijkman tast in de donkere wateren van de koelbox,
trekt er een beijsd colaflesje uit, juwelig als een vis.
Het begint te waaien. Bomen slaan mussen heen en
weer als badmintonshuttles. ‘Wij zijn geen vogels,’
zegt Rijkman. ‘Wij zijn bomen.’

Rijkman is Van Adrichems Robinson, de enigmatische protagonist van de Amerikaanse dichter Weldon Kees. ‘Dit is New York, Rijkman, een vliegend schaakbord. / Hier staat u altijd mat.’ Van Adrichem registreert slechts. ‘Rijkman is niet weg, hij is nooit gezien: het bestuur verscheurde zijn foto’s, heeft zijn brieven verbrand.’ (Ja, de poëzieverwijzingen zijn niet van de lucht. Ook Britney Spears en de film The Hangover 3 krijgen een plekje.) Al die registraties samen verraden de spot, de verontwaardiging én de bewondering, de diepe fascinatie die Van Adrichem lijkt te koesteren voor die vreemde wereld van de grote geldhonger. Een fascinatie die je als lezer van Geld al gauw met hem deelt.
O ja, de stagiaire op het seminar van De Methode heet Usura (woekerrente). Het kan haast niet anders of Van Adrichem heeft haar geleend van Ezra Pound. Luister hier eens naar en je vindt een alternatieve cadans van zijn seminargedichten.

Geld van Arnoud van Adrichem is verscheen bij Uitgeverij Atlas Contact, paperback, 96 blz, € 21,99, ISBN 978 90 254 4542 3


Richard Dekker was lange tijd redactielid van Passionate Magazine en heeft zich gespecialiseerd in het bedenken van onderwerpen voor artikelen en andere originele opdrachten die de redactie uitzet, vaak ook in combinatie met een andere kunstdiscipline dan de letteren. Hij is woonachtig in Utrecht waar hij contacten onderhoudt de Utrechtse schrijvers en organisaties. Lees meer artikelen van zijn hand.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s