Tienjarig schrijverschap gevierd

Het is een eer die veel schrijvers pas aan het einde van hun schrijfcarrière te beurt valt: een bloemlezing uit eerder werk. Best bijzonder dus dat het tienjarig schrijverschap van Sanneke van Hassel wordt gevierd met De ochtenden, een verhalenbundel samengesteld door collega Jan van Mersbergen uit Van Hassels eerdere boeken IJsregen (2005), Witte veder (2007), Ezels (2012) en Hier blijf ik (2014). 

Sanneke van Hassel, bekroond met de BNG Nieuwe Literatuurprijs en de Anna Blaman Prijs, heeft zich het afgelopen decennium geschaard onder de beste schrijvers van korte verhalen die ons land rijk is. Elke nieuwe bundel bevestigt het stilistisch talent van Van Hassel, wier vertellingen vaak zo alledaags en bedrieglijk eenvoudig lijken. Het zijn regelmatig kleine taferelen die ze schetst, maar vaak met een wending die verrast of grote implicaties heeft. Haar taal is onopgesmukt, sober, haar personages heel normale mensen die twijfels hebben en tobben met zichzelf, met het leven, hun relatie, het ouderschap, met eenzaamheid. Het zijn mensen zoals we die allemaal kennen, of zoals wij zelf zijn.

Verlangen naar vrijheid
Wie nog niet bekend was met het werk van Sanneke van Hassel heeft aan De ochtenden een mooie introductie. Wie haar eerdere bundels wel al eerder las, zal net als samensteller Jan van Mersbergen opnieuw worden getroffen door de rijkdom van haar werk. De verhalen die in De ochtenden zijn opgenomen combineren een zekere ruwte met gevoeligheid, en ademen eenzaamheid en afstand. Toont daarin zich de hand van Van Mersbergen, wiens romans worden gekenmerkt door dezelfde aspecten? Achter de precies afgepaste zinnen schuilt klein leed, trauma, kwetsbaarheid. Zo lezen we tussen de regels van het tedere ‘Witte veder’ dat de bejaarde Daniël zich eigenlijk best eenzaam voelt. En in ‘Het kleinste strand’ vertelt het achtjarige ik-vertellertje dat haar moeder op sommige dagen haar bed niet uit kan komen. Dat ze zo jong als ze is al veel te veel verantwoordelijkheid moet dragen, maakt Van Hassel knap duidelijk in zinnetjes als deze: ‘Als we thuiskomen heeft mijn moeder nog geen eten klaar. Het is snikheet. “Zal ik pannenkoekenbakken?” Ik zet de ramen open.’

Veel personages worstelen met het verlangen naar vrijheid dat wordt gefrustreerd door de dagelijkse beslommeringen van werk en gezin. Soms blijft het bij verlangen, zoals in ‘Phoenix, Arizona’, in andere gevallen kiest de hoofdpersoon voor zichzelf, met soms desastreuze gevolgen, zoals in ‘Parel’.
Mooi is het hoe Van Hassel veel weet te impliceren en soms even een vergezicht biedt, een doorkijkje, om daarna de camera weer terug te zwenken naar het verhaal, zoals hier, in ‘Ezels’: ʻ“Laat je me er nog uit?” Het glas dempte haar stem. Ze sloeg met haar hand tegen de autoruit. Even ging het door zijn hoofd dat hij haar ook kon laten zitten, voor altijd roepende, tegen de ramen bonkend, terwijl hij langzaam wegwandelde. Maar zover was hij nog niet, hij was mak, meelevend.’

Doseren
De ochtenden is een mooie bundel. Sanneke van Hassels verhalen zijn en blijven gewoon goed. ‘De combinatie van expliciet en impliciet, en het doseren daarvan, daarin schuilt Sannekes kracht. Geen enkele schrijver in Nederland beheerst dat op die manier,’ schrijft Jan van Mersbergen in zijn inleiding.

Beide schrijvers hebben, zoals de achterflap terecht vermeldt, het talent ‘om eigentijdse dilemma’s en complexe relaties tussen vrienden, geliefden, ouders en kinderen op een spannende manier te tonen’.

Toch had ik meer verwacht van de combinatie Van Hassel-Van Mersbergen, twee van mijn favoriete schrijvers. Wanneer Van Mersbergen een voorbeeld geeft van een zin van Sanneke van Hassel die juist wel wat explicieter is, schrijft hij: ‘Ik zou die zinnen nooit opschrijven.’ Dat maakt nieuwsgierig: waarom eigenlijk niet? En hoe zou hij het wel doen? Welke verschillen en overeenkomsten ziet Van Mersbergen nog meer tussen hun werk?

Waarom Van Mersbergen precies voor een bepaald verhaal koos, wordt uit de korte inleidingen bij de afzonderlijke vertellingen lang niet altijd duidelijk, en áls hij er al iets over zegt, dan is het vaak vrij summier. Dat had wat mij betreft wat minder impliciet gemogen. Het was nou juist zo interessant geweest als Jan Van Mersbergen meer had gereflecteerd op de verhalen, en op hun literatuuropvatting en werkwijze. Dan was De ochtenden niet alleen een uitstekende verhalenbundel geweest, maar had één plus één echt drie gemaakt.

De ochtenden is verschenen bij De Bezige Bij, € 17,90, ISBN 978 90 234 9220 7

Vivian de Gier is schrijver, journalist, redacteur en schrijfcoach. Onder de naam A•Quattro•Mani maakt ze met Marc Brester recensies, literaire interviews en (reis)reportages door heel Europa, in tekst én beeld. Ook schrijven ze korte verhalen, novellen en biografieën. Lees meer artikelen van haar hand.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s