Roman over bootvluchtelingen

In dit fragment uit de roman Hemels land van Rachel Visscher wordt een van de vier hoofdpersonages uit het boek gevolgd; Céline, een Nederlandse celliste die in Italië wordt geconfronteerd met Joshua. Met een collega wandelt ze ’s avonds over straat langs een groep bootvluchtelingen zonder verblijfsvergunning die daar de nacht moeten zien door te komen. Joshua, om wie de roman ‘Hemels land’ draait, is een van hen. De ervaringen die deze bootvluchtelingen hebben gehad, zijn gebaseerd op een incident dat zich werkelijk heeft voorgedaan en dat breed werd uitgemeten in de Italiaanse media. Het leven van bootvluchteling Joshua wordt in de roman door de directe en indirecte ontmoetingen met anderen vanuit verschillende perspectieven beschreven.

De kartonnen doos is doorweekt. De man vouwt de doos samen, propt hem in een vuilnisbak. Wanneer hij ziet dat Luca en ik naar hem kijken, glimlacht hij. Hij ziet er breekbaar uit met zijn woeste baard en magere lichaam.

Met zijn handen onder zijn gezicht gaat hij op de straatstenen liggen, sluit zijn ogen. De nis van het station biedt niet voldoende bescherming tegen de regen die sinds een paar minuten uit de hemel komt. De dikke druppels sijpelen over zijn gezicht.

De man die achter hem ligt, heeft een slaapzak om zich heen geslagen. Om hem heen heeft hij zijn bezittingen uitgestald, een kartonnen doos, een paar plastic flessen en karretje dat er vernuftig uitziet.

‘De man daar heet González,’ zegt Luca. ‘Hij komt uit Venezuela. In zijn eigen land heeft hij elektrotechniek gestudeerd. Toen hij aankwam in Italië lukte het hem niet om werk te vinden. Hij raakte aan de drank. Het is een intelligente man die goed Italiaans spreekt en, geloof het of niet, Russische klassiekers leest. Het is hem nooit gelukt om van zijn verslaving af te komen.’

‘Hoe weet je dat allemaal,’ vraag ik.

‘Vaak, wanneer ik ‘s nachts terugkom van een concert, lukt het me niet om in slaap te vallen. De muziek en de adrenaline zitten dan nog te sterk in mijn hoofd en lichaam. Een keer raakte ik met één van de mannen hier aan de praat. Het leek de man te helpen, mij kalmeerde het na het concert. Sindsdien kom ik hier vaak na een concert en praat een tijdje met de mannen. Nu ken ik iedereen hier, ook de mensen van organisaties die deze mensen proberen te helpen. Regelmatig komen zij langs om de mannen en vrouwen die hier op straat slapen extra dekens te geven en te vertellen waar er plekken zijn waar ze gratis eten kunnen krijgen.’

Luca en ik lopen verder langs de nissen van het station.

‘Mijn ouders kochten een huis voor me,’ zegt Luca. ‘Ik heb me nooit ergens zorgen over hoeven te maken.’

‘Je bent een figlio di papa’,’ zeg ik.

Luca kijkt verbaasd aan.

‘Mijn mentor leerde me die uitdrukking. In Nederland ben ik zelf een dergelijk persoon, een bevoorrecht kind uit een goede familie die altijd alles heeft gekregen.’

‘Ik kom uit een wat ze hier una famiglia benestante noemen,’ zegt Luca. ‘Een goed nest.’

We lopen verder. Bij een nis waar een Afrikaanse jongen ligt, blijft Luca staan.

‘De jongen daar heet Joshua,’ zegt hij. ‘Hij komt uit Nigeria. Een groot deel van zijn leven is hij op de vlucht geweest. Zijn vader is door moslim-extremisten om het leven gebracht. Samen met zijn moeder is hij door de woestijn in Niger gevlucht. Toen er geen plek meer was op een camion, is zijn moeder in de woestijn achtergebleven. Volgens hem is zijn moeder op dat moment een engel geworden. Hij gelooft dat hij haar op een dag tegen zal kunnen komen. Wonderlijk, hè?

Ik kijk naar de jongen die op een paar kartonnen dozen ligt. Hij draagt een dun trainingsjasje en heeft een paar vuilniszakken over zich heen getrokken. Het woord ‘engel’ blijft in mijn hoofd hangen. Ik denk aan Manon, de engel in Alban Bergs stuk.

‘Joshua woonde in Libië tot daar de Arabische Lente uitbrak. Hij is op een boot naar het eiland Lampedusa gevlucht. Toen de Italiaanse overheid hem geen verblijfsvergunning wilde geven, kwam hij terecht in het stadje Rosarno in Calabrië, zoals veel van de mannen die hier liggen.’

‘Blijven ze hier,’ vraag ik.

‘De gemeente denkt erover na hoe ze de mannen kan helpen zodat ze van de straat komen. De overheid heeft weinig voorzieningen om dit soort problemen aan te pakken. Het zijn vooral katholieke instellingen die zich om het lot van dergelijke mensen bekommeren.’

Luca kijkt meewarig voor zich uit.

‘Het is gevaarlijk voor de mensen die hier slapen,’ zegt hij. ‘In het bijzonder voor de mannen die niet blank zijn. Niet ver hier vandaan is het clubhuis van een neofascistische beweging, CasaPound. De mensen die hier op straat slapen, staan voortdurend bloot aan hun dreigementen. Soms worden ze aangevallen of verdwijnen ze. Niet altijd door een aanval, overigens. Vooral migranten kunnen zomaar ineens spoorloos verdwijnen. Niemand weet dan waar ze heen zijn gegaan.’

‘Ben je zelf niet bang wanneer je hier loopt?’ vraag ik.

Luca schudt zijn hoofd.

‘De mensen van CasaPound doen mij niets en de zwervers zijn vaak ontwikkelde mensen met een goed verstand. Ze zijn sterk en hebben vaak veel doorstaan. De meeste mensen zoals González hebben er bewust voor gekozen om op straat te leven. Ze voelen zich er prettig bij. Voor jongens zoals Joshua is dat anders. Ze spreken nauwelijks Italiaans en kennen de stad niet. Dat maakt hen extra kwetsbaar. Het is te danken aan de katholieke kerk en hun organisaties dat ze een overlevingskans hebben.’

‘Geloof je in God?’

‘Wie muziek maakt, heeft een religieus persoon in zich,’ zegt Luca. ‘Religio betekent in het Latijn de verbintenis met het hogere en het diepe.’

‘Geloof je dat er meer is tussen hemel en aarde?’

We lopen langs het spoor waar een stoptrein langzaam met ons mee lijkt te rijden. Luca vertraagt zijn pas.

‘Wanneer ik viool speel, heb ik soms het gevoel dat er iemand is die naar me kijkt,’ zegt hij. ‘Ik realiseer me dat dit vaag klinkt, maar het is alsof er iemand aanwezig is. Wie of wat dat is, dat weet ik niet. Het is een gevoel. Wanneer ik speel, voel ik me lichter. Het is alsof ik zweef. Ik vergeet de tijd, ik ben me niet meer bewust van de plek waar ik me bevind. Het is een magisch gevoel. Het moet aan het gevoel grenzen dat iemand ervaart die gelooft. Dat klinkt misschien net zo vreemd als een violist die ’s nachts op straat met daklozen praat.’

Luca kijkt me aan.

‘Ik weet niet of dat gek is. In een trein ga ik vaak zo dicht mogelijk naast een andere passagier zitten, zodat onze benen elkaar gedurende de reis raken. En op feestjes ga ik gerust een half uur op de wc zitten. In totale afzondering luister ik naar de opgewonden stemmen van mijn vrienden, hun gelach en dronkemanspraatjes, zonder er aan deel te nemen. Het is vreemd. Voor anderen. Niet voor mij. Ik geniet er van.’

‘Het is toch wel raar,’ zegt Luca en hij lacht.

Beschaamd kijk ik weg.

Luca geeft me een duwtje.

‘Maar ik houd van raar,’ zegt hij en lacht nogmaals. ‘Wacht,’ zegt hij. ‘Nergens naar toe gaan. Ik ben over vijf minuten terug.’

Luca steekt de straat over, rent weg. Ik blijf verbouwereerd staan, zie hoe hij binnen luttele seconden om de hoek van de straat verdwijnt.

Crowdfunding
Om het drukken van de roman te kunnen bekostigen, startte Rachel Visscher een crowdfundingsactie op voordekunst. Nieuwsgierig geworden naar het boek? Bestel een exemplaar en steun de actie. Doneren kan nog tot en met 20 juli.

De Rotterdamse schrijfster en documentairemaakster Rachel Visscher (1982) wekt met haar roman Hemels land het hedendaagse Italië tot leven. De dilemma’s die spelen rondom de vluchtelingenboten die voortdurend op het eiland Lampedusa aanmeren, worden in deze roman beschreven. Hemels land is een mozaïekroman over grenzen en afscheid nemen. De schrijfster woonde langere tijd in Italië en sprak er met vluchtelingen en organisaties die zich met het probleem bezighouden. In Hemels land worden verschillende perspectieven gegeven op een urgent Europees probleem.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s