Rotterdams bloed

Door: Francine Maessen

Jerry Hormone (beter bekend als Jeroen Aalbers van de kinderboeken over Borre) debuteert nu ook literair met de verhalenbundel Het is maar bloed.

In vijftien korte verhalen neemt hij ons mee langs uiteenlopende personages. We ontmoeten de eigenaar van een ouderwetse ondergoedwinkel die, geïnspireerd door de Katendrechtse dames, overstapt naar luxe lingerie. De alcoholist die zich laat gaan bij zijn vals zingende buurman. De dierenwinkel die ook cavia’s verkoopt aan Peruanen – omdat de slager ze niet heeft. Allemaal gewone Rotterdamse personages, maar met een twist. De schrijver lijkt ons graag te willen shockeren (hij schijnt zijn boeken te signeren met zijn eigen bloed), maar de moderne lezer is toch echt niet meer zo onder de indruk van een beetje seks en drugs.

De schrijfstijl is raak, en soms bijna in telegramstijl. Hormone heeft weinig woorden nodig om de juiste sfeer te schetsen. Soms klinkt zijn achtergrond als kinderboekenschrijver door, maar dat wordt nooit storend. Het zorgt er eerder voor dat de verhalen in een lekker tempo verlopen.

‘Pittoresk. Verzakte huizen en schuurtjes. De wind heeft de pannen van het dak gewaaid. Regen de voegen uit het metselwerk gespoeld. Klimop trekt aan de muren. Gras groeit uit scheuren. De natuur wil dit dorp terug. Het overwoekeren. Het doen instorten. Het met de wortels doorboren, in almaar kleinere stukjes breken. Tot het zand is, zand met onkruid erop waar wilde varkens en koebeesten van zullen vreten en op zullen schijten. Pittoresk.’

In de verhalen wordt vloeiend het dagelijkse en het emotionele met elkaar gecombineerd. Dit doet Hormone door op de meest zware momenten oog te hebben voor onbenullige details. Zo krijgen we tijdens een enorm frustrerende vakantie van een jonge schrijver met zijn ex en haar zoontje vooral mee hoe het eten is dat daar geserveerd wordt. Dit houdt de verhalen lekker luchtig, ondanks de soms uitzonderlijke situaties en zware thematiek, met een focus op verstoorde menselijke relaties.

Heel subtiel wordt in de verhalen naar elkaar verwezen, vaak met niet meer dan een naam of een haarkleur. Dit geeft de bundel niet alleen wat meer samenhang, maar ook diepgang. Vooral dat laatste is prettig, want de verhalen voelen soms een beetje clichématig aan. De kracht zit ‘m niet in de originaliteit: vaak genoeg weet je aan het begin van het verhaal al hoe het uit gaat pakken. Wel bijzonder is hoe de psychologie van de personages tot stand komt. Als verhalenbundel is Het is maar bloed een goede literaire oefening voor Hormone, maar zijn psychologische kracht zal waarschijnlijk nog beter tot uiting komen in een volledige roman.


Francine Maessen (1993) studeert Film- en literatuurwetenschap aan de universiteit van Leiden en woont in Oegstgeest. Ze heeft een voorkeur voor oude boeken, bijzondere uitgaven en klassieke literatuur. Lees meer artikelen van haar hand.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s