I.M. Frans Vogel (1935-2016)

Beeld: Frank Hanswijk

Afgelopen vrijdag is Frans Vogel na een kort ziekbed overleden in een ziekenhuis te Rotterdam. Hij was dichter, copywriter, fotomodel, columnist, beeldend kunstenaar, provocateur, bon vivant en sinds jaar en dag een fenomeen in de kunstscene van Rotterdam.  

Zoals Jules Deelder in zijn gedicht ‘Birdlore’ al eens terugkeek op hoe hij Frans Vogel leerde kennen in de jaren zestig: ‘Vogel. Die ook tóen al een legende was / voor jongens van mijn lichting / die pas kwam kijken in de stad.’

Frans Vogel publiceerde sinds de jaren negentig diverse dichtbundels in eigen beheer en deed die zelf in de kroeg van de hand. Victor Vroegindeweij en Jeroen S. Rozendaal maakten in 2005 een documentaire over hem: Te gek moment. Een ruime best-of selectie uit Frans Vogels gedichten werd verzameld in het boek ROTTERDAM (Lebowski Publishers, 2012, samenstelling Erik Brus, Leonor Jonker, Martijn Haas en Oscar van Gelderen). In 2014 verscheen het boek Ken zó in Boijmans – Frans Vogel 80 (Studio Kers) over zijn leven en werk, en werd een gelijknamige expo gehouden in galerieWind op het Noordereiland, ter gelegenheid van zijn 80ste verjaardag. Eind vorig jaar werd op de 22e verdieping van de Gemeentekantoren in De Rotterdam op de Kop van Zuid een gedicht van Frans Vogel onthuld: ‘Wat een diepte hè / als je omhoog kijkt.’

Op dit platform verscheen in augustus jl. nog een nieuw gedicht van Vogel: ‘Geboorte van een kwatrijn’. Een gedicht met zijn typerende, onnavolgbare mengeling van humor, brutaliteit en een grote taalgevoeligheid:

Geboorte van een kwatrijn

Alweer jaren geleden,
Ik zat toen een poosje
zwaar a/d slingerschijt,
schreef ik het 2-regelig vers
(In vaktaal het distichon):

Telkens als ik mijn reet afveeg
weet ik mijn endeldarm weer leeg.

Onderlaatst kwam ik er opeens achter
dat ik daarmee opvallend dichtbij
het distichon zat dat de Nederlandse
dichter Constantijn Huygens (1596-
1687) ruim 3 eeuwen terug
al op schrift had gesteld:

´Als ick hier ben geseten
heb ick de schijt van ‘t eten.

Dat bracht toen subiet
de schok der herkenning
met zich mee & schiep
een band tussen ons,
een soort affiniteit, als
waren wij beiden lid van
één & de zelfde bloedeigen
misjpoge of zo.

Nóg zoiets opmerkelijks:
zet je het tweede distichon
pal boven het eerste,
dan hebbie warempel zowaar
een oorspronkelijk, logisch &
zelfstandig kwatrijn
(4-regelig vers) op papier.
Over iemand die zijn of haar
gevoeg doet & vervolgens
zijn of haar derrière-spleet
dan wel bilnaad reinigt:

Als ick hier ben geseten
heb ick de schijt van ‘t eten.
Telkens als ik mijn reet afveeg
weet ik mijn endeldarm  weer leeg.

Ik maak me dan ook sterk
voor de opvatting dat
de dichter
in Constantijn Huygens over
de combinatie van die 2 distichons
in chronologische volgorde
best wel ‘content’ zou zijn geweest.
Per saldo: de combinatie = het kwatrijn.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s