Meerstemmig generatieconflict

Door: Sander Meij

Onlangs debuteerde Hannah van Binsbergen met de dichtbundel Kwaad Gesternte bij Atlas Contact. Kwaad gesternte als titel veronderstelt weinig positiefs; het is een onheilspellende titel, ondanks de herhaalde verzekering op het achterplat dat de gedichten in deze bundel grappig zijn. Daarnaast zijn ze, bij monde van Maarten van der Graaff, bezwerend, groots, angstaanjagend en doortrapt. Dat lijken nogal uiteenlopende typeringen voor één bundel, maar het is niet onmogelijk.

Wat na een eerste lezing opvalt, is niet zozeer de humor, maar juist het feit dat Van Binsbergen het veel over de dood heeft. In veel gedichten komt het woord wel een keer, zo niet meermaals voor.

Ik kies de dood die mij voorspeld is door een sticker (‘vroeger had ik iets’)

(…) in de uren voor de dood / de vlag plantte die we nu als het begin aanduiden van een tijdperk

(…)

Wie kan er neerzien op de dood als een piloot?

De dood is wat hij is: een militaire fictie (‘waar het bloeit en blijft bloeien’).

En wordt de dood niet als zodanig benoemd, dan refereert Van Binsbergen er wel aan:

je zou bijvoorbeeld nu je vingers kunnen steken

tussen de ventilator van je leven

in de supermarkt gaan werken en dan jong en mooi je graf in rollen

De ik-persoon toont zich in deze bundel vaak een dolende ziel die zich sterk bewust lijkt van de eigen sterfelijkheid. Vaak is de verteller bezig volwassen te worden, te reflecteren op zijn of haar jeugd en op zoek naar houvast. Die houvast zoekt hij of zij bij vrienden, op feesten en opvallend genoeg ook in ‘vuistgevechten’, knokpartijen. Koortsachtig probeert die ik steeds situaties vast te leggen, alsof alles bewaard moet worden in momentopnames. ‘En dit is het moment’, lezen we bijvoorbeeld in het gedicht ‘Voorspellingen van Sylvia en Julia.’

Tussen de regels door schemert een bepaalde noodzaak, waaruit een existentieel soort angst voor verlies spreekt: het moet nú gebeuren, we moeten het nú vastleggen, anders is het te laat. Het is een angst om alleen achter te blijven, te vergeten of vergeten te worden, of om op een andere manier buiten de boot te vallen. In het gedicht ‘Verhaal in drie feesten’ bijvoorbeeld, klinkt een stem die bijna smeekt om deelgenoot te worden van een bepaald groepsgevoel, waarbij steeds benadrukt wordt dat de lezer beslist niet naar dit relaas moet luisteren, aangezien het ‘strikt persoonlijk’ is. Dit levert een interessante paradox op: het strikt persoonlijke heeft slechts bestaansrecht binnen de context van een groep. Op die manier impliceert dit gedicht dat het individu ondergeschikt is aan een collectief. In dit geval lijkt dat collectief een soort studentenhuis annex woongroep te zijn, er is althans sprake van ‘beschermd wonen onder soortgenoten.’ De ik is in veel gedichten bezig met het bepalen van de eigen positie ten opzichte van de rest van de wereld: hoe ben ik opgevoed? Maak ik deel uit van een generatie, en zo ja, waar staat die dan voor? Over dat laatste lijkt het titelgedicht ‘Kwaad gesternte’ te gaan:

(…)

Mijn harnas klinkt me vast aan dit moment, waar iets herinnerd

en iets beloofd wordt en dit gesternte staat boven mijn hele generatie.

Dit gesternte (denk aan ‘onder een kwaad gesternte geboren worden,’ voor wie in astrologie gelooft belooft zoiets weinig goeds), staat boven een generatie die zich tussen een verleden (een herinnering) en een toekomst (een belofte) bevindt. Dat zegt op zich niet zo heel veel, omdat een dergelijke positionering nu eenmaal voor iedere generatie geldt. Tegelijkertijd geeft de ik blijkbaar niet al te veel om nature/nurture, het (kwaad) gesternte boven die generatie impliceert immers een lot dat dus al van tevoren is vastgelegd. Daarnaast associeert de ik zich in dit titelgedicht duidelijk met een groep, waarvan de leden ‘broeders’ worden genoemd (‘jullie die ik mijn broeders noem’). Dat groepsgevoel geeft het gedicht een politieke of religieuze connotatie, maar is beslist niet eenduidig te noemen: er wordt gesproken over een ‘hij’ die niet komt, maar die niettemin wel gebeten wordt door de ik, want ‘hij moet het afleren’:

(…)

Ik kan wachten in mijn wapenuitrusting of het rokje dat hij mooi vond, hij

zal niet komen. Ik bijt hem, hij moet het afleren.

Van Binsbergen roept vragen op: is de verteller de enige vrouw van deze groep, of de generatie waar eveneens sprake van is in dit gedicht? Is hier sprake van een gendergerelateerde problematiek?

(…) Mijn vrienden willen mij niet helpen en mijn vijand

die een vaste vorm begint te krijgen aan de randen van mijn angsten spreekt bemoedigende woorden.

Kun je vrienden die niet willen helpen wel vrienden noemen? Zijn het dezelfde personen als die ‘broeders’? Tot welk kamp behoor je? Behoor je tot een generatie en wat is je plek daarin? Het zijn tijdloze thema’s – in de ogen van sommige kwaadwillige lezers misschien typische twintigersdilemma’s – die Van Binsbergen impliciet benoemt. Een eenduidige oplossing voor die dilemma’s is niet voorhanden.

Een meer filosofische benadering van het thema ‘generaties’ staat verderop in de bundel, in de afdeling Correspondenties. Daar is het gedicht ‘Aan de Situationistische Internationale’ opgenomen, een politiek-kunstzinnige groepering die een breuk met vorige generaties voorstond, eind jaren zestig opgericht door Guy Debord.

Het is ongelofelijk wat je vergeet

ik open een graf met de steek van een meimaand

die nooit meer terugkomt

 

ik ben verhuisd naar een oranje zeecontainer

omgebouwd tot studio in een straat vernoemd

naar een motorschip. Ik slaap te veel

maar voel me daar niet schuldig over.

Ook dit gedicht is niet eenduidig te noemen. Je kunt er niet uit afleiden of de ik nu positief of negatief gestemd is over de Situationistische Internationale en haar gedachtegoed en de vraag is ook of dat wel nodig is. Het is niet zo dat de uitgangspunten van deze avantgardistische beweging tot uiting komen in dit gedicht: er is geen sprake van een revolte of een zich afzetten tegen een vorige generatie, eerder juist een vereenzelviging met de realiteit: namelijk het feit dat de ik in een tot studio omgebouwde oranje zeecontainer woont en te veel slaapt. Uit die constatering spreekt geen spijt of teleurstelling, maar eerder rationele berusting.

Die rationele houding en het eerder genoemde niet-eenduidige zou je exemplarisch voor de hele bundel kunnen noemen. En dat is een positief gegeven, want eenduidigheid levert over het algemeen saaie poëzie op en dat is hier geenszins het geval: dit is levendige, soms merkwaardige poëzie, waarin onlogische taalcombinaties nieuwe betekenissen genereren. Qua onderwerpkeuze gaat het soms van hot naar her, van ogenschijnlijk persoonlijk tot abstract en talig. Daartoe wendt Van Binsbergen verschillende stemmen aan, een keuze die zorgt voor spanning. De gedichten onderling zijn overigens wel op een subtiele manier met elkaar verbonden, door bepaalde taalelementen die in verschillende gedichten terugkomen. Dat geeft Kwaad gesternte samenhang. Tegelijkertijd is het soms een wat weerbarstige bundel: Van Binsbergen heeft het zichzelf, maar ook de lezer, niet gemakkelijk gemaakt. En dat valt KWAAD GESTERNTE copyte prijzen. Wie houdt van poëzie die zich door narratieve elementen toegankelijk toont, zal Kwaad gesternte haar geheimen dan ook minder snel prijsgeven. Niettemin is het de moeite waard om naar die geheimen op zoek te gaan, ze te vinden en ze te ontsluiten.

Hannah van Binsbergen – Kwaad gesternte
Uitgeverij Atlas | Contact
ISBN 9789025447816, € 19,99


Sander Meij (1980) is neerlandicus en werkt als redacteur. Als dichter was hij onder meer te zien op Crossing Border, bij DWDD en won hij enkele prijzen. Hij publiceerde in tijdschriften als Hollands Maandblad, Op Ruwe planken en Het Liegend Konijn. In 2015 verscheen zijn poëziedebuut Nieuw eiland bij Nieuw Amsterdam. Lees hier meer artikelen van zijn hand.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s