Boeddhisme en decadentie

Door: Hendrik de Goffau

Een rusteloze, maatschappijkritische hoofdpersoon, drugs, rijkdom én boeddhisme tegen de achtergrond van India. Marte Kaan koos interessante ingrediënten voor haar boek Wij houden alleen van onszelf,  maar slaagt er slechts deels in de potentie ervan te verwezenlijken.

In Wij houden alleen van onszelf maakt de lezer kennis met de hoofdpersoon, Lee: een  onstabiele vrouw die voortdurend probeert te ontsnappen aan de oppervlakkigheid van de mensen om zich heen. Tijdens het lezen van de eerste bladzijden valt op dat haar verhaal wordt verteld aan de hand van snel op elkaar volgende, korte scènes. Dit bouwt de spanning aanvankelijk op en maakt de je nieuwsgierig.

Lee is een personage met een kritisch karakter, wat wordt onderstreept door haar scherpe observaties. De objecten in de ruimtes waar Lee zich bevindt en de mensen die haar omringen, worden stuk voor stuk onderworpen aan haar oordeel. Lee distantieert zich daarbij van haar omgeving, wat een interessante dynamiek geeft.

Ze leunt achterover en kijkt naar de mensen aan tafel, naar hun lijven, hun bewegingen, de lachende gezichten, de manier waarop ze een sigaret of een glas wijn vasthouden. Er staat iemand op, hij valt bijna om en grijpt zich vast aan de rand van de tafel. Ze mag zo opstaan en na elf omhelzingen de gracht af lopen, naar huis waar de koffers klaarstaan.

Het is jammer dat we Lee verder slechts oppervlakkig leren kennen. Kaan doet met enige afstand verslag van haar belevenissen en geeft daarbij niet altijd genoeg inkijk in haar gedachtewereld. Hierdoor blijft het vaak gissen naar beweegredenen. De onsamenhangende beschrijving van tijd en ruimte versterkt dit: een gebrek aan houvast maakt het lastig je in te leven in de situaties waarin Lee zich bevindt. Ook op cruciale momenten in het boek kan het daardoor gebeuren dat het onduidelijk blijft waar Lee haar keuzes op baseert. Als ze bijvoorbeeld opnieuw besluit te vertrekken, wordt dat simpelweg meegedeeld:

Daar, op dat terras in de warmte van de lentezon, met haar door hormonen getransformeerde vriendin, begrijpt ze met een klievende helderheid dat ze weer op de verkeerde plek is.

Desalniettemin zijn deze situatiebeschrijvingen op zichzelf meermaals knap geschreven. Geregeld toont Kaan een scherpe pen te hebben. Een minimalistisch ingericht huis is bijvoorbeeld ‘de ultieme decadentie van gesuggereerde eenvoud’ en in ouders die hun kinderen liefkozend benaderen ziet ze ‘iets onvolgroeids en manipulatiefs – alsof ze zich door het kind wilden doen gelden en zo een andere, betere kant van zichzelf hoopten te laten zien, iets wat hoe dan ook altijd op een mislukking uitliep’. Daarnaast weet ze te overtuigen met sprekende metaforen en karaktertyperingen:

De ambassadeur, een man met een perfect rond hoofd en een bestudeerd jongensachtig voorkomen, was een en al jovialiteit toen hij haar had begroet, zijn handdruk was klef en vlezig en hij articuleerde alsof hij tegen een dove sprak.

 Juist dit soort beeldende passages verdienen meer nadruk en uitwerking. Het is zonde dat het hoge verteltempo de lezer er nu te gemakkelijk aan voorbij voert. De wollige zinnen waarmee de aandacht wordt gevestigd op minder beduidende gebeurtenissen, vallen hierdoor extra op en halen de vertelling uit balans. We zien dit bijvoorbeeld wanneer Lee thuiskomt en begerig door haar man wordt opgewacht:

Zoals de oceaan golft, zo menst het universum. Hier mens Oscar, een amalgaam van voorvaderlijke roofdierengenen vermengd met een kluwen van knechtende ervaringen en interacties die hem tot in het merg van zijn mannenego hebben aangetast. En daar is zij, mens Lee, een verzameling verleden dat zich in vlees en gedrag manifesteert, reagerend op de fantastische realiteit die haar geest haar presenteert.

Dit soort zinnen geven relatief onbelangrijke gebeurtenissen de aandacht die de sterkere en crucialere passages hadden verdiend. Het wijst ons op het pijnpunt van Wij houden alleen van onszelf: Kaan toont te kunnen schrijven, maar gunt zichzelf onvoldoende ruimte en raakt de balans kwijt. Het omslag-wij-houden-alleen-van-onszelfresultaat is een boek dat enkele turbulente jaren uit het leven van een grotendeels ongrijpbaar personage in een hoog tempo verhaalt en de lezer slechts zo nu en dan goed weet mee te krijgen.

Marte Kaan – Wij houden alleen van onszelf
Uitgeverij Ambo Anthos
ISBN 9789026327469, € 17,99


Hendrik de Goffau (1995) studeert geschiedenis in Nijmegen. Hij is geïnteresseerd in het scheppende karakter van taal, waarmee de eigen werkelijkheid gevat en aangevuld kan worden. Waar hij zou willen wonen? Op het drielandenpunt van geschiedenis, literatuur en filosofie. Lees hier meer artikelen van zijn hand.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s