Schaamte

Door: Jante Wortel

‘Dat kun je niet doen,’ zei mijn moeder laatst, toen ik haar liet zien waar ik mijn omslagfoto op Facebook in had veranderd. Mijn vader lachte erom. Hij had zijn lenzen niet in en noemde het vanaf de andere kant van de tafel een ‘schattig konijnenplaatje’. Ze hield toch van konijnen?

Mijn moeder en ik kregen een discussie over wat je (volgens haar) wel en niet zomaar kunt doen. Ik moest me bewust zijn van het beeld dat ik uitdroeg, en dan had ze het niet alleen over de foto. Eerder die dag liet ik haar een gedicht lezen waar de volgende zin in stond:

(…) en ik schaam me niet / voor het feit dat ik soms mijn plas niet op kan houden (…)

Ik was er zelf best tevreden mee, maar mijn moeder raadde me toch af het voor te dragen.
‘Hoezo?’ vroeg ik.
Ze keek me aan alsof ze dacht dat ik haar voor de gek hield door serieus te zijn.
‘Nou,’ begon ze. ‘Je wilt toch niet dat mensen denken dat dit over jou gaat? Dat je zoiets persoonlijks met hen deelt?’

Mijn moeder bedoelde het niet verkeerd, en toch irriteerde het me wat ze zei. Ik wilde dingen antwoorden als: ik mag schrijven wat ik wil, en het kan me niet schelen dat mensen denken dat het over mij gaat. Ik word er niet anders van als ik een gedicht voorlees waarin ik opbiecht dat ik plasproblemen heb. Of het nu echt zo is of niet.

Mijn moeder en ik konden het niet eens worden. Wat ik zelf aan schrijven zo prettig vind is dat ik alles kan schrijven wat ik wil, hoe persoonlijk ook, en waar of niet waar. Dat dat in midden blijft vind ik af en toe zelfs iets extra’s toevoegen.

Van mij mag literatuur best dichtbij komen. Ook zo dichtbij dat ik er de neiging van krijg om een stap achteruit te doen. De autobiografisch-sticker hoeft het niet te hebben. In alles wat geschreven wordt zit wel iets autobiografisch. Wat ik schrijf is vaak gebaseerd op de werkelijkheid, op wat ik meemaak en op wat ik zie, maar dat is wel hoe ík het zie.

Toen me afgelopen week door iemand gevraagd werd waar ik mijn scriptie over wil schrijven zei ik: schaamte. Meer kon ik er nog niet over zeggen. Misschien is schaamte zelf niet eens per se het goede woord, maar bedoel ik meer schaamte in combinatie met ongemakkelijkheid, zowel bij de lezer, bij de schrijver als bij de personages.

Als ik me ergens voor schaam is dat vaak omdat ik een (ongeschreven) regel heb overtreden. Dat je in je onderbroek door de supermarkt loopt is niet per se verboden, maar helemaal gepast zou ik het ook niet willen noemen.

Toen ik laatst voor een docent moest omschrijven wat de werkelijkheid in mijn verhalen anders maakt dan de werkelijkheid om me heen, antwoordde ik dat mijn personages zich niet bewust zijn van de ongeschreven regels waar ik me wel bewust van ben. Of in elk geval, waar ik me aan houd.

Op dit moment is voor mij de hoofdvraag: wat gaat de hoofdvraag van mijn scriptie worden? Ik wil weten waarom juist datgene wat een beetje wringt, dat wat ‘eigenlijk niet kan’ me zo aantrekt.

Jante Wortel (1996) schrijft proza en poëzie. Ze is derdejaars student Creative Writing aan ArtEZ en zal komend jaar afstuderen. Haar afstudeerproject wordt een korte verhalenbundel, en over het creatieproces zal ze een tweewekelijkse column voor Passionate Platform schrijven. Vorige week kreeg je al een voorproefje met het korte verhaal Feest. Nieuwsgierig geworden? Luister nu dan alvast naar Jante en haar verhaal Duinwandelaars:

Een gedachte over “Schaamte

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s