jonah-falke-c-geert-snoeijer

Het rooie dorp

Door: Vincent Terlouw ♦ Beeld: Geert Snoeijer

Jonah Falke schreef met Bontebrug een roman over een jonge schilder, Robert Lowenthal, die van het platteland naar de stad trekt. Schipperend tussen beide uitersten zoekt hij naar zichzelf en probeert zijn verleden met het heden te construeren. Het is verleidelijk om in het verhaal te zoeken naar parallellen met Falke (ook schilder en afkomstig uit een plattelandsgemeenschap). Hoogste tijd dus voor een gesprek over zijn boek, over opgroeien in een heel klein dorp en natuurlijk over schrijven.

In de lobby van Grand Hotel Krasnapolsky in Amsterdam is het een drukte van belang. Gasten lopen in en uit, de een wordt bij binnenkomst hartelijk ontvangen, de ander mag aansluiten in de rij om in te checken. Het is er rumoerig en warm. Te midden van deze beheerste chaos zit Jonah Falke in het restaurant rustig een koffie te drinken. Aan het raam, met uitzicht op de dam. Een wereld van verschil met het pastorale landschap waarin hij opgroeide.

´Een lange straat, meer is het niet,´ zegt Falke. ´Eigenlijk is het een groot weiland.´ Volgens Wikipedia telde Bontebrug vorig jaar 182 inwoners. Zijn ouders wonen er nog steeds. Hijzelf werd in 1991 geboren te Ulft, een dorp waar de mensen uit Bontebrug voor hun dagelijkse boodschappen, voor verenigingen en vertier op aangewezen zijn. Voor de rasechte Bontebrugger betekent dat iets vreselijks, ergens anders dan in het rooie dorp geboren worden. Robert Lowenthal, hoofdpersonage in Falkes debuut, blijft die vernedering godzijdank bespaard:

De bewoners verlaten het dorp nauwelijks, zelfs niet als een baby geboren moet worden. Sinds kort is er namelijk een rotonde. De ziekenwagen blijft net zo lang rondjes jakkeren totdat de baby het licht ziet. Niemand wil hier zijn pasgeboren baby opzadelen met een litteken van een andere plaatsnaam in het paspoort.

Opgroeien in een kleine gemeenschap, het heeft zoals alles voor- en nadelen. ‘Het was leuk dat er bijna niemand op je lette,’ vertelt Falke, ‘dat je je verbeelding moest gebruiken om iets te doen. Dat ontspoorde dan vaak in onbenulligheden. Aan de andere kant heb je er veel te weinig en is het er domweg saai.’ Een voorbeeld van zo’n onbenulligheid is wanneer Robert, Bertje (Roberts beste vriend) en Mohammed (de vreemde van het dorp) een kip naar elkaar overgooien. Het arme beest overleeft het spel ternauwernood.

De fictie ingehaald
De kunstenaar die naar de stad trekt om zichzelf te ontwikkelen, om de wereld te ontdekken; er zijn al heel wat verhalen over geschreven. Ook Robert maakt deze stap en in die zin past Bontebrug perfect in de traditie. Net als in de oude verhalen verloopt ook Roberts verhuizing niet zonder slag of stoot. Hij moet wennen aan de hoofdstad, aan de kunstacademie: ‘Hoe de mensen met elkaar praten en hoe ze over kunst spreken, ik kan er weinig mee,’ zegt hij.

Falke zelf maakte eerst een tussenstap voordat hij zich in Amsterdam vestigde. In Enschede (‘een groot dorp’) studeerde hij fine art painting. Toen het tijd werd om zijn afstudeerscriptie te schrijven, had hij daar aanvankelijk weinig trek in: ‘In plaats daarvan begon ik te schrijven over een jongen die van het platteland naar Amsterdam vertrok. In feite heb ik de fictie ingehaald. Het vertrek van Bontebrug naar Enschede was overigens voor mij niet zo’n grote keuze. Ik wilde gewoon schilderen en dat kon daar. Daarom vertrok ik. Niet omdat ik zo nodig weg moest uit Bontebrug. Ik kom er nog graag, schilder er ook nog regelmatig. Het is fijn om beide te hebben, de stad en het platteland.’

Terwijl het gesprek vordert, verzamelt zich een groep Turkse voetbalsupporters op de Dam. Er wordt gezongen en gezwaaid met vlaggen en sjaaltjes. Vlakbij de ingang van het hotel ontploft een stuk vuurwerk, de portier duikt weg. ‘De wereld vergaat, joh,’ grapt Falke. Een groter contrast met de stilte tussen de weilanden van Bontebrug is nauwelijks denkbaar. ‘Ik kan het allebei ontzettend missen,’ zegt hij daarop. ‘Wanneer ik daar ben, mis ik de bedrijvigheid van hier en andersom.’

Schrijven, lezen en leren
Falke begon in 2013 aan zijn boek te schrijven. Voor velen om hem heen zal dat schrijfwerk als een verrassing zijn gekomen. ‘Ik ben ontzettend dyslectisch,’ zegt hij tussen neus en lippen door. ‘Als kind heb ik wel eens geprobeerd iets te schrijven, maar omdat je dyslectisch bent denk je al snel, dit is niets voor mij.’ Lezen deed hij ook nauwelijks, maar dat schrijven overviel hem plotseling. ‘Manisch,’ noemt hij het zelf, de manier waarop hij in het begin aan zijn project werkte. ‘Ik schreef makkelijk vijftig pagina’s per dag, dat kun je helemaal geen schrijven noemen. Dat was massaproductie. Natuurlijk was het niets, maar ik zie het als mijn oerboek. En eigenlijk zat alles al in die eerste versie. Het moet trouwens ergens in de bibliotheek van Enschede liggen, dat moet ik nog eens gaan stelen…’

Met het schrijven kwam ook het lezen. Zijn oud-schilderdocent, tot op de dag van vandaag zijn meelezer, las zijn teksten en zei: ‘Het is goed, ga door, maar wat jij beschrijft zijn alleen acties en handelingen. Je zoomt nergens in, er zijn geen details. Toen ben ik Mijn strijd van Knausgård gaan lezen. Bij hem draait het juist allemaal om detail. Hij weet elke gebeurtenis uit te smeren zonder dat het saai wordt, ontzettend knap. Ik heb daar veel van geleerd, er ging een wereld voor me open.’

Tijdens zijn schrijfdagen stond hij om acht uur op, maakte werkdagen waarop hij vijfhonderd goede (!) woorden wilde schrijven. Ook nu schrijft hij iedere ochtend. In de vorm van een column, vingeroefeningen. Een idee voor een volgend boek ligt klaar, een aantal hoofdstukken zijn al geschreven. ‘Ik wil het allemaal iets lelijker maken,’ zegt omslag-bontebrugFalke. ‘Waar het heen gaat met dit nieuwe werk weet ik nog niet. Het kan dus ook nog volledig ontsporen. Maar dat maakt het juist spannend. Je kunt een plan hebben, maar het verhaal bepaalt uiteindelijk. Het kan zomaar met je op de loop gaan.’

 

Jonah Falke – Bontebrug
Uitgeverij Lebowski
ISBN 9789048829569, € 19,99


Vincent Terlouw (1986) is een Rotterdams schrijver, journalist en redacteur. Hij publiceert verhalen in verschillende literaire tijdschriften, schrijft interviews en artikelen en is tevens hoofdredacteur van cultuurmagazine 8WEEKLY.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s